Civiel recht overig
Verstek. Vordering terugbetaling borg + benzinekosten.
Rechtbank Overijssel, 5 november 2025
ECLI:NL:RBOVE:2025:6425 · Rechtbank Overijssel · 5 november 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-overijssel/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbove-2025-6425
Zaakgegevens
Op 5 november 2025 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank OverijsselRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Zwolle
- Datum uitspraak
- 5 november 2025
- Datum publicatie
- 6 november 2025
- Zaaknummer
- 11840271 \ RR FORM 25-25
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2025:6425
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verstek. Vordering terugbetaling borg + benzinekosten.
Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer: 11840271 \ RR FORM 25-25
Vonnis van 5 november 2025 in de experimentele procedure bij de kantonrechter als regelrechter
in de zaak van
[eiser]
,
wonende te [woonplaats 1],
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser],
procederend in persoon,
tegen
[gedaagde], handelende onder de naam
[gedaagde]
,
wonende te [woonplaats 2],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
niet verschenen.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het op 15 augustus 2025 ontvangen aanvraagformulier met bijlagen van [eiser],
- de schriftelijke ontvangstbevestiging van 15 augustus 2025 van de rechtbank aan [eiser],
- de brieven van de rechtbank van 26 augustus 2025 aan [eiser] en [gedaagde] met daarin de uitnodiging voor een zitting,
- de bevestiging van aangetekend verzenden aan [gedaagde] van 26 augustus 2025,
- de brieven van de rechtbank betreft informatie over de procedure van 2 september 2025 aan [eiser] en [gedaagde],
- de stukken ‘informatie over de procedure’ niet afgehaald van 15 september 2025,
- de bevestiging van aangetekend verzend aan [gedaagde] van 15 september 2025,
Aan het slot van de mondelinge behandeling is bepaald dat vandaag vonnis wordt gewezen.
2 De beoordeling
[gedaagde] is niet verschenen in deze regelrechterzaak. Als de gedaagde in een regelrechterzaak niet rechtsgeldig in het geding verschijnt en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten zoals genoemd in artikel 8 derde lid, artikel 9 en artikel 11, eerste lid van het Tijdelijk besluit experiment regelrechter in acht zijn genomen, wordt tegen hem verstek verleend (artikel 14 Tijdelijke besluit experiment regelrechter).
De regelrechter is van oordeel dat aan de voorgeschreven termijnen en formaliteiten is voldaan. De regelrechter zal daarom verstek verlenen tegen [gedaagde]. Daarbij merkt de regelrechter op dat de stukken met daarin een uitnodiging voor een zitting die op 15 september 2025 aangetekend aan het adres van [gedaagde] zijn verzonden, op 16 september 2025 zijn bezorgd en hiervoor namens [gedaagde] is getekend.
De verstekverlening leidt ertoe dat de vorderingen ten aanzien van [gedaagde] zullen worden toegewezen, tenzij deze de regelrechter onrechtmatig of ongegrond voorkomen (artikel 139 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering).
Gelet op hetgeen [gedaagde] op het aanvraagformulier met de bijgevoegde stukken en de toelichting op de mondelinge behandeling heeft aangevoerd komt de regelrechter de vordering niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal deze worden toegewezen zoals is gevorderd.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op € 90,00 aan griffierecht en een bedrag van € 50,00 aan reis-, verblijf, en verletkosten. De totale kosten aan de zijde van [eiser] komen hiermee op € 140,00.
3 De beslissing
De kantonrechter als regelrechter
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 348,03,
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 140,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. G.W.G. Wijnands, regelrechter, en in het openbaar uitgesproken op 5 november 2025.