Civiel recht overig

Rechtbank Overijssel · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

Rechtbank Overijssel, 16 juli 2026

Zaakgegevens

Op 16 juli 2026 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Enschede
Datum uitspraak
16 juli 2026
Datum publicatie
9 oktober 2026
Zaaknummer
12258867 \ EJ VERZ 26-166 en 12262424 \ EJ VERZ 26-169
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2026:6050
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Arbeidsrecht.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Enschede

Zaaknummer: 12258867 \ EJ VERZ 26-166 en 12262424 \ EJ VERZ 26-169

Beschikking van 21 juli 2026

in de zaak van

[partij A] ,

wonende te [woonplaats],

verzoekende partij, verwerende partij in het voorwaardelijk tegenverzoek, in de zaak met nummer 12258867,

verwerende partij in de zaak met nummer 12262424,

hierna te noemen: [partij A],

gemachtigden: mr. M. Timmer en mr. P.F.M. Langenhof,

tegen

[partij B] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

verwerende partij, verzoekende partij in het voorwaardelijk tegenverzoek, in de zaak met nummer 12258867,

verzoekende partij in de zaak met nummer 12262424,

hierna te noemen: [partij B],

gemachtigde: mr. S.M. Profijt.

1 De procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift van [partij A] van 4 juni 2026 (12258867);

- het verweerschrift van [partij B] van 3 juli 2026, met een voorwaardelijk tegenverzoek (12258867);

- het verzoekschrift van [partij B] van 8 juni 2026 (12262424);

- het verweerschrift van [partij A] van 30 juni 2026 (12262424);

- de vermeerdering van eis van [partij A] van 16 juli 2026;

- het proces-verbaal van 16 juli 2026 waarin op verzoek van partijen de tussen partijen gemaakte afspraken zijn verwerkt.

1.2

De mondelinge behandeling is gehouden op 16 juli 2026, waar partijen zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. [partij B] werd daarbij vertegenwoordigd door [naam 1], directeur [partij B], en [naam 2], directeur van [partij B].

1.3

De beschikking is bepaald op vandaag.

2 De beoordeling

2.1

Aan het verzoek om de arbeidsovereenkomst te ontbinden per 1 september 2026 legt [partij B] ten grondslag dat de arbeidsverhouding duurzaam en onherstelbaar is verstoord en dat herplaatsing van [partij A] niet meer mogelijk is.

2.2

De kantonrechter zal de arbeidsovereenkomst ontbinden. Gelet op de standpunten van partijen bestaat een redelijke grond voor ontbinding, namelijk een verstoorde arbeidsverhouding, zodanig dat van partijen in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Daarbij is er geen mogelijkheid tot herplaatsing van [partij A].

2.3

Er is geen opzegverbod dat in de weg staat aan ontbinding.

2.4

De arbeidsovereenkomst zal worden ontbonden met ingang van 1 september 2026. Daarbij is rekening gehouden met de opzegtermijn en de duur van deze procedure.

2.5

Gezien de uitkomst van de zaak is de kantonrechter van oordeel dat het redelijk is dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1

ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 september 2026,

3.2

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.

Deze beschikking is gegeven te Enschede door mr. J.M. Marsman en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2026.

!

!