Civiel recht overig
Verzoeker heeft het verzoekschrift eenzijdig ingetrokken voorafgaand aan de mondelinge behandeling…
Rechtbank Overijssel, 30 september 2026
ECLI:NL:RBOVE:2026:6095 · Rechtbank Overijssel · 30 september 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-overijssel/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbove-2026-6095
Zaakgegevens
Op 30 september 2026 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank OverijsselRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Almelo
- Datum uitspraak
- 30 september 2026
- Datum publicatie
- 11 oktober 2026
- Zaaknummer
- 12280497 \ EJ VERZ 26-116
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBOVE:2026:6095
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoeker heeft het verzoekschrift eenzijdig ingetrokken voorafgaand aan de mondelinge behandeling. Verweerder heeft wel een verweerschrift ingediend en heeft na intrekking van het verzoekschrift zijn verzoek tot een proceskostenveroordeling gehandhaafd. De kantonrechter oordeelt dat verzoeker de proceskosten van verweerder moet betalen.
Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer / rekestnummer: 12280497 \ EJ VERZ 26-116
Beschikking van 30 september 2026
in de zaak van
STICHTING AVELEIJN,
gevestigd te Borne,
verzoekende partij,
hierna te noemen: Aveleijn,
gemachtigde: mr. A.E. Doornbos,
tegen
[verweerder] ,
wonende te [woonplaats],
verwerende partij,
hierna te noemen: [verweerder],
gemachtigde: mr. J. van Vliet.
2 De beoordeling
Waar gaat de zaak over?
Aveleijn heeft een verzoekschrift tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen partijen ingediend. [verweerder] heeft een verweerschrift ingediend waarin hij het standpunt heeft ingenomen dat de Nederlandse kantonrechter niet bevoegd is om kennis te nemen van deze zaak. Na ontvangst van het verweerschrift en kort voor de geplande mondelinge behandeling heeft Aveleijn het verzoekschrift eenzijdig ingetrokken. Na intrekking van het verzoekschrift heeft [verweerder] zijn verzoek om Aveleijn te veroordelen in de proceskosten gehandhaafd. Op dat verzoek zal de kantonrechter beslissen.
Aveleijn moet de proceskosten betalen
De kantonrechter zal Aveleijn veroordelen in de kosten deze procedure, omdat Aveleijn het verzoekschrift slechts enkele dagen voor de mondelinge behandeling heeft ingetrokken. Hierdoor heeft [verweerder] nodeloos kosten moeten maken voor haar verweerschrift.
De proceskosten aan de zijde van [verweerder] worden begroot op € 721,00 (€ 577,00 aan salaris gemachtigde en € 144,00 aan nakosten), plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing.
3 De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt Aveleijn in de proceskosten van € 721,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Aveleijn niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en de beschikking daarna wordt betekend,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. W.W. van Tol en in het openbaar uitgesproken op 30 september 2026.