Bestuursprocesrecht

Verweerder heeft medische stukken van eiser ingediend en verzocht om deze stukken met toepassing van art…

Rechtbank Rotterdam, 9 maart 2023

Zaakgegevens

Op 9 maart 2023 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursprocesrecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
9 maart 2023
Datum publicatie
7 maart 2023
Zaaknummer
ROT 22/639 (8:32-beslissing)
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2023:1924
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verweerder heeft medische stukken van eiser ingediend en verzocht om deze stukken met toepassing van art. 8:32, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) toe te voegen aan het dossier. De rechtbank overweegt dat het belang (bij de bescherming van eisers privacy) voorgaat op het procesbelang van de derde-partijen om alle stukken in te zien. De rechtbank bepaalt dat de derde-partijen zelf niet de medische stukken mogen inzien, maar wel een eventuele gemachtigde (die arts of advocaat is). Daarbij bepaalt de rechter dat deze eventuele gemachtigde een geheimhoudingsplicht heeft tegenover de derde-partijen (voor wat betreft de medische stukken).

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: ROT 22/639

beslissing van de rechter als bedoeld in artikel 8:32, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht van 9 maart 2023 in de zaak tussen

[naam eiser], uit [plaatsnaam], eiser

(gemachtigde: mr. H.J.E. Korteweg),

en

het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht,

verweerder (en tevens verzoeker)

(gemachtigde: [naam 1])

met als derde-partijen:

[naam 2] , uit [woonplaats],

[naam 3] , uit [woonplaats],

[naam 4] , uit [woonplaats] en

[naam 5] , uit [woonplaats].

Aanleiding

Eiser heeft beroep ingesteld tegen een besluit van verweerder van 30 december 2021. De derde-partijen hebben zich gemeld als belanghebbenden bij de beroepsprocedure.

De rechtbank heeft het beroep op zitting behandeld op 1 november 2022. Het onderzoek is na de zitting geschorst.

Verzoeker heeft op 23 februari 2023 stukken aan de rechtbank gezonden, waaronder drie medische stukken ten aanzien van eiser (een advies van Argonaut van 4 januari 2023, een aanvullende vraag naar aanleiding van dat advies en een beantwoording van die aanvullende vraag).

Verzoeker heeft de rechtbank gevraagd deze medische stukken met toepassing van artikel 8:32 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) toe te voegen aan het dossier.

Beoordeling

1. De rechtbank is van oordeel dat kennisneming (van de medische stukken door de derde-partijen) eisers persoonlijke levenssfeer onevenredig zou schaden en dat zijn belang bij de bescherming van zijn privacy voorgaat op het procesbelang van de derde-partijen om volledig en zonder voorbehoud kennis te nemen van alle stukken. Artikel 8:32, tweede lid, van de Awb voorziet in een procedure die specifiek is toegesneden op medische gegevens. Indien kennisgeving van stukken door een partij de persoonlijke levenssfeer van een ander onevenredig zou schaden, kan de rechtbank op grond van dat artikel bepalen dat deze kennisgeving is voorbehouden aan een gemachtigde die advocaat of arts is, dan wel daarvoor van de bestuursrechter bijzondere toestemming heeft gekregen.

2. De rechtbank ziet aanleiding te bepalen dat de kennisneming van de medische stukken (als vermeld onder het kopje “Aanleiding”) is voorbehouden aan een gemachtigde. Dit betekent dat uitsluitend een eventuele gemachtigde van de derde-partijen (die arts of advocaat is), en dus niet de derde-partijen zelf, kennis mag nemen van de inhoud van de medische stukken en de (arts-)gemachtigde verplicht is tot geheimhouding. In het geval dat de derde-partijen een arts of advocaat als gemachtigde aanwijzen, zullen de medische stukken aan die gemachtigde worden doorgestuurd.

3. De medische rapporten worden onder toepassing van artikel 8:32, tweede lid, van de Awb als medisch stuk toegevoegd.

Beslissing

De rechtbank:

- bepaalt dat de medische stukken (zoals genoemd onder “Aanleiding”) met toepassing van artikel 8:32, tweede lid, van de Awb als medisch stuk worden toegevoegd aan het dossier;

- bepaalt dat de derde-partijen (zoals genoemd bovenaan deze beslissing) zelf geen inzage krijgen in de in deze procedure overgelegde medische stukken ten aanzien van eiser;

- bepaalt dat een eventuele gemachtigde, die arts of advocaat is, met recht van substitutie door een andere arts-gemachtigde of opvolgend advocaat, onder toepassing van artikel 8:32, tweede lid, van de Awb alsnog inzage krijgt in de in deze procedure overgelegde medische stukken ten aanzien van eiser. De medische stukken worden in dat geval toegezonden aan de gemachtigde;

- bepaalt dat deze gemachtigde verplicht is tot geheimhouding van deze medische stukken tegenover de derde-partijen;

- bepaalt dat in dat geval deze gemachtigde in de gelegenheid wordt gesteld om, binnen twee weken na toezending van de medische stukken, de gronden van het beroep aan te vullen en dat daarna verweerder en eiser de mogelijkheid krijgen om binnen twee weken op de aanvulling van de gronden te reageren.

Deze beslissing is gedaan op 9 maart 2023 door mr. A.S. Flikweert, rechter, in aanwezigheid van mr. H. Sabanovic, griffier.

De rechter is verhinderd te tekenen

griffier rechter

Een afschrift van deze beslissing is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Hoger beroep tegen deze beslissing is slechts mogelijk indien tegen de einduitspraak ook hoger beroep wordt ingesteld.