Civiel recht overig
Eindvonnis nadat is afgezien van bewijslevering.
Rechtbank Rotterdam, 6 december 2024
ECLI:NL:RBROT:2024:13057 · Rechtbank Rotterdam · 6 december 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbrot-2024-13057
Zaakgegevens
Op 6 december 2024 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 6 december 2024
- Datum publicatie
- 23 december 2024
- Zaaknummer
- 10799378 CV EXPL 23-30588
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2024:13057
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Eindvonnis nadat is afgezien van bewijslevering.
Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10799378 CV EXPL 23-30588
datum uitspraak: 6 december 2024
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiser], die handelt onder de naam [handelsnaam],
vestigingsplaats: [vestigingsplaats],
eiser in conventie,
verweerder in reconventie,
die nu zelf procedeert,
tegen
Allianz Benelux N.V., die mede handelt onder de naam Allianz Nederland Schadeverzekering,
vestigingsplaats: Brussel (België),
mede kantoorhoudende in Rotterdam,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
gemachtigde: mr. R.H.J. Wildenburg.
De partijen worden hierna ‘[eiser]’ en ‘Allianz’ genoemd.
1 De procedure
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
-
het tussenvonnis van 24 mei 2024 en de daarin genoemde stukken;
-
de akte van Allianz van 20 juni 2024;
-
de brief van de gemachtigde van Allianz van 9 oktober 2024, met een bijlage.
2 De verdere beoordeling
In het tussenvonnis is [eiser] niet-ontvankelijk verklaard in zijn eis, zodat alleen nog beslist hoeft te worden over de tegeneis van Allianz. In het kader van deze tegeneis heeft de kantonrechter Allianz opgedragen om te bewijzen dat [eiser] het bestaan van een eerdere vangrailschade aan de Mercedes heeft verzwegen.
Allianz was voornemens drie getuigen te laten horen. Bij voornoemde brief van 9 oktober 2024 heeft zij de kantonrechter echter bericht af te zien van bewijslevering, omdat zij met twee van de drie getuigen geen contact heeft kunnen krijgen en de betreffende personen blijkens de Basisregistratie Personen geen bekende woon- of verblijfplaats hebben. Gelet daarop is Allianz niet in haar bewijsopdracht geslaagd. De tegeneis wordt daarom afgewezen.
Allianz moet de proceskosten betalen
De proceskosten (in reconventie) komen voor rekening van Allianz, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot de kosten die Allianz aan [eiser] moet betalen op € 271,50 aan salaris voor de gemachtigde (½ punt x € 543,-), omdat de tegeneis voortvloeit uit het verweer in conventie. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
Dit vonnis wordt voor wat betreft voornoemde proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat [eiser] dat eist en Allianz daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.
3 De beslissing
De kantonrechter:
wijst de tegeneis van Allianz af;
veroordeelt Allianz in de proceskosten, die aan de kant van [eiser] worden begroot op € 271,50;
verklaart dit vonnis voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken.
43416