Civiel recht overig

Vonnis na spoorwissel (69 Rv). Eiseres niet-ontvankelijk in verzoeken die bij dagvaarding hadden moeten…

Rechtbank Rotterdam, 11 mei 2026

Zaakgegevens

Op 11 mei 2026 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
11 mei 2026
Datum publicatie
12 mei 2026
Zaaknummer
12015797 VZ VERZ 25-7249
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2026:5529
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vonnis na spoorwissel (69 Rv). Eiseres niet-ontvankelijk in verzoeken die bij dagvaarding hadden moeten worden ingesteld.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 12015797 VZ VERZ 25-7249

datum uitspraak: 11 mei 2026

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van

[eiseres] ,

vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,

eiseres,

vertegenwoordigd door: [persoon A] ,

tegen

[gedaagde] ,

vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,

gedaagde,

gemachtigde: mr. G.T. Poot,

De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure staat in de beschikking van 20 maart 2026.

1.2.

In die beschikking heeft [eiseres] de opdracht gekregen om [gedaagde] met een exploot op te roepen voor de zitting van 21 april 2026 om 11:30 uur. Dat heeft [eiseres] niet gedaan.

2 De beoordeling

2.1.

Zoals de kantonrechter al heeft aangekondigd in de beschikking, betekent dit dat [eiseres] niet-ontvankelijk is in haar verzoeken zoals ingesteld in het verzoekschrift onder het kopje ‘conclusie’ punt 3 en 4. Dat betekent dat die verzoeken niet inhoudelijk worden behandeld.

2.2.

[eiseres] wordt veroordeeld in de proceskosten. De kantonrechter stelt daarbij vast dat [gedaagde] geen proceskosten heeft gemaakt, omdat zij niet is opgeroepen.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

verklaart [eiseres] niet-ontvankelijk in haar verzoeken in het verzoekschrift onder het kopje ‘conclusie’ punt 3 en 4;

3.2.

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde] worden begroot op € 0,-.

Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.

34286