Insolventierecht

Eigen aangifte faillietverklaring als ingetrokken beschouwd wegens niet verschijnen; art. 1.2.2.8 van het…

Rechtbank Rotterdam, 17 december 2019

Zaakgegevens

Op 17 december 2019 heeft de Rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
17 december 2019
Datum publicatie
2 januari 2020
Zaaknummer
FT EA 19/1739
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2019:10377
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Eigen aangifte faillietverklaring als ingetrokken beschouwd wegens niet verschijnen; art. 1.2.2.8 van het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbanken

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie

rekestnummer: [nummer]

BESCHIKKING op het verzoek van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[aangeefster] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

aangeefster,

strekkende tot haar (op eigen aangifte) faillietverklaring.

1 De procedure

Op 9 december 2019 heeft aangeefster ter griffie van de rechtbank een verzoek tot (op eigen aangifte) faillietverklaring ingediend.

De rechtbank heeft de datum en het tijdstip waarop het verzoek ter terechtzitting wordt behandeld bepaald op 17 december 2019 om 09:00 uur.

Op 17 december 2019 is aangeefster niet verschenen.

2 De beoordeling

Artikel 1.2.2.8 van het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbanken bepaalt dat de eigen aangifte als ingetrokken wordt beschouwd, indien geen verzoek tot aanhouding van de behandeling is gedaan en de verzoeker niet op de zitting verschijnt.

De rechtbank stelt vast dat aangever niet in raadkamer is verschenen en dat geen verzoek tot aanhouding van de behandeling is gedaan. De rechtbank beschouwt het verzoek tot faillietverklaring daarom als ingetrokken.

3 De beslissing

De rechtbank:

- beschouwt het verzoek tot faillietverklaring als ingetrokken.

Deze beschikking is op 17 december 2019 gegeven door mr. J.C.A.M. Los, rechter, in aanwezigheid van mr. M. Mouthaan, griffier.

Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.