Belastingrecht

WOZ, termijnoverschrijding, beroep niet-ontvankelijk.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 31 juli 2025

Zaakgegevens

Op 31 juli 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Breda
Datum uitspraak
31 juli 2025
Datum publicatie
6 augustus 2025
Zaaknummer
BRE 24/3319
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2025:5139
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

WOZ, termijnoverschrijding, beroep niet-ontvankelijk.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Zittingsplaats Breda

Belastingrecht

zaaknummer: BRE 24/3319 WOZNW


proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 31 juli 2025 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen


[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Waalwijk, de heffingsambtenaar.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 6 februari 2024.

1.1.

De heffingsambtenaar heeft de waarde van de onroerende zaak [adres] (de onroerende zaak) op 1 januari 2022 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 460.000 (de beschikking). Met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Waalwijk voor het jaar 2023 opgelegd (de aanslag).

1.2.

De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.

1.3.

De rechtbank heeft het beroep van belanghebbende op 31 juli 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: namens belanghebbende, de gemachtigde [persoon 1] , en namens de heffingsambtenaar: mr. [persoon 2] en [persoon 3] .

Overwegingen

2. De rechtbank beoordeelt ambtshalve of het beroep ontvankelijk is.

2.1.

De uitspraak op bezwaar is gedagtekend op 6 februari 2024. De termijn voor het indienen van het beroepschrift verliep op 19 maart 2024. De rechtbank heeft het beroepschrift op 20 maart 2024 ontvangen. Niet in geschil is dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend. Gesteld noch gebleken is dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is. Het beroep is naar het oordeel van de rechtbank dan ook niet-ontvankelijk.

2.2.

Omdat het beroep niet-ontvankelijk, ontvangt belanghebbende geen vergoeding van de proceskosten en belanghebbende krijgt ook het griffierecht niet terug.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I.M. Josten, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. de Vos, griffier, op 31 juli 2025 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier

rechter

Dit proces-verbaal is in Mijn Rechtspraak geplaatst.

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch.