Arbeidsrecht
Pro forma ontbinding van een arbeidsovereenkomst
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30 oktober 2023
ECLI:NL:RBZWB:2023:8558 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 30 oktober 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/civiel-recht/arbeidsrecht/beschikking/ecli-nl-rbzwb-2023-8558
Zaakgegevens
Op 30 oktober 2023 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Bergen op Zoom
- Datum uitspraak
- 30 oktober 2023
- Datum publicatie
- 7 december 2023
- Zaaknummer
- 10675528 AZ VERZ 23-48 (E)
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2023:8558
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Pro forma ontbinding van een arbeidsovereenkomst
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Bergen op Zoom
Zaaknummer / rekestnummer: 10675528 \ AZ VERZ 23-48
Beschikking van 30 oktober 2023
in de zaak van
STICHTING STADLANDER,
te Bergen op Zoom,
verzoekende partij,
hierna te noemen: Stadlander,
gemachtigde: mr. I.O.D.V. Wetzels,
tegen
[verweerder] ,
te [plaats] ,
verwerende partij,
hierna te noemen: [verweerder] ,
gemachtigde: mr. E.M.Y. Sørensen.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift ontvangen op 24 augustus 2023,
- het gewijzigde verzoekschrift,
- het verweerschrift.
Partijen stellen geen prijs op een mondelinge behandeling.
2 Het verzoek en de beoordeling
Stadlander verzoekt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden per 31 december 2023 onder toekenning aan [verweerder] van een beëindigingsvergoeding van € 45.782,00 bruto.
Aan dit verzoek legt Stadlander ten grondslag dat sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding en dat herplaatsing van [verweerder] binnen een redelijke termijn niet mogelijk is of niet in de rede ligt.
[verweerder] betwist niet dat er een verstoorde arbeidsverhouding is en dat herplaatsing niet mogelijk is of niet in de rede ligt.
De kantonrechter overweegt dat de arbeidsovereenkomst kan worden ontbonden indien daar een redelijke grond voor is en herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn niet mogelijk is of niet in de rede ligt. Gelet op de standpunten van partijen is dit het geval.
Partijen stellen dat het verzoek geen verband houdt met het bestaan van een opzegverbod.
Voor de datum van de ontbinding dient de niet weersproken opzegtermijn van vier maanden in acht te worden genomen, verminderd met de duur van deze procedure met dien verstande dat ten minste een maand resteert, zodat de datum van ontbinding wordt bepaald op 31 december 2023.
De beëindigingsvergoeding van € 45.782,00 bruto is niet weersproken. De kantonrechter zal Stadlander veroordelen tot betaling aan [verweerder] van dat bedrag, waarin de wettelijke transitievergoeding geacht wordt te zijn begrepen.
De kantonrechter ziet ten slotte aanleiding om de proceskosten van partijen te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
3 De beslissing
De kantonrechter
ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van 31 december 2023,
veroordeelt Stadlander tot betaling aan [verweerder] van een bedrag van € 45.782,00 bruto, waarin de wettelijke transitievergoeding geacht wordt te zijn begrepen,
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door mr. Van den Boom en in het openbaar uitgesproken op 30 oktober 2023.