Internationaal privaatrecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Verstek · Internationaal privaatrecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25 januari 2023

Zaakgegevens

Op 25 januari 2023 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over internationaal privaatrecht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Bergen op Zoom
Datum uitspraak
25 januari 2023
Datum publicatie
27 januari 2023
Zaaknummer
10252046_E25012023
Procedure
Verstek
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2023:478
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

IPR + verstek.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Cluster I Civiele kantonzaken

Bergen op Zoom

zaak/rolnr.: 10252046 CV EXPL 22-3690

vonnis d.d. 25 januari 2023

inzake

de rechtspersoon naar buitenlands recht Coeo Securitisation Ltd.,

gevestigd te Dublin (Ierland),

eiseres,

gemachtigde: Janssen & Janssen c.s. Gerechtsdeurwaarders te Eindhoven,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [gedaagde],

gedaagde,

niet verschenen.

1 Het verloop van het geding

De procesgang blijkt uit de dagvaarding van 12 december 2022 met producties.

2 De feiten

2.1

Tussen Zalando SE en gedaagde is via de website van Zalando SE een koopovereenkomst tot stand gekomen.

2.2

Zalando SE heeft haar vordering gecedeerd aan eiseres.

3 Het geschil en de beoordeling

3.1

Eiseres heeft op de bij dagvaarding omschreven gronden, welke hier als herhaald en ingelast gelden, gevorderd gedaagde, uitvoerbaar bij voorraad, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting, te veroordelen tot betaling van het bedrag van € 78,73, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 38,25 vanaf 12 december 2022 tot aan de dag der algehele voldoening, alsmede met veroordeling van gedaagde in de proceskosten.

3.2

Gedaagde is, hoewel behoorlijk gedagvaard, niet ter zitting verschenen en heeft ook niet tijdig een schriftelijk antwoord ingediend of om uitstel verzocht, zodat tegen deze verstek is verleend.

3.3

Vanwege de buitenlandse vestigingsplaats van eiseres moet de kantonrechter ambtshalve de

bevoegdheid van de Nederlandse rechter toetsen. Naar het oordeel van de kantonrechter is de

Nederlandse rechter op grond van artikel 4 lid 1 van de in deze toepasselijke Verordening

(EU) nr. 1215/2012 bevoegd om van de vordering kennis te nemen, aangezien gedaagde in

Nederland woonachtig is. De kantonrechter te Bergen op Zoom is, gelet op de woonplaats van gedaagde, bevoegd om van het geschil kennis te nemen.

3.4

Voorts is aan de orde welk recht op de overeenkomst van toepassing is. Hierover wordt het volgende overwogen. Nederland en Ierland zijn beide partij bij de Verordening (EU)

nr. 593/2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (Rome I). Eiseres heeft middels cessie overgedragen gekregen van Zalando SE de openstaande vordering uit hoofde van een tussen Zalando SE en gedaagde gesloten consumentenovereenkomst. Ingevolge artikel 14 lid 2 van de Verordening (EU) nr. 593/2008 wordt de betrekking tussen eiseres als cessionaris en gedaagde als schuldenaar beheerst door het recht dat op de gecedeerde vordering van toepassing is. Gelet op artikel 17 lid 1 van de Algemene Voorwaarden Thuiswinkel in samenhang met artikel 6 lid 2 Rome I is in dit geval Nederlands recht van toepassing.

3.5

De vordering komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor, zodat deze zal worden toegewezen.

3.6

Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Deze proceskosten worden tot op heden begroot op:

- explootkosten € 107,22

- salaris gemachtigde € 37,00

- griffierecht € 128,00

------------

totaal € 272,22

4 De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt gedaagde om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiseres te betalen een bedrag van € 78,73, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 38,25 vanaf 12 december 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;

veroordeelt gedaagde in de kosten van dit geding, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op € 272,22;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. Ponds, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 25 januari 2023, in tegenwoordigheid van de griffier.