Personen- en familierecht
verzoek art. 5 Eur. Bewijsverordening; verzoek aan RvdK onderzoek in te stellen
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 9 maart 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:2825 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 9 maart 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/civiel-recht/personen-en-familierecht/rekestprocedure/ecli-nl-rbzwb-2026-2825
Zaakgegevens
Op 9 maart 2026 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 9 maart 2026
- Datum publicatie
- 10 april 2026
- Zaaknummer
- C/02/442540 / FA RK 25-6207
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- RekestprocedureRekestprocedureEen procedure die begint met een verzoekschrift (rekest) aan de rechter in plaats van met een dagvaarding.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2026:2825
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
verzoek art. 5 Eur. Bewijsverordening; verzoek aan RvdK onderzoek in te stellen
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Middelburg
Zaaknummer: C/02/442540 / FA RK 25-6207
Beschikking van 9 maart 2026
op het op 10 november 2025 ingekomen en aan deze beschikking gehechte verzoek ex artikel 5 van de Verordening ((EU) 2020/1783 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2020 betreffende de samenwerking tussen de gerechten van de lidstaten op het gebied van bewijsverkrijging in burgerlijke en handelszaken (hierna: de Europese Bewijsverordening)) van:
de Rechtbank Iasi, sector civiel, Iasi, Roemenië, (JUDECATORIA SECTIA CIVILA IASI, ROMÂNIA), gevestigd te Iasi, Strada Anastasie Panu nr. 25, Roemenië (hierna: de rechtbank in Iasi) in de zaak met nummer 36955/245/2023 van:
[de vrouw] ,
wonende te [adres 1] , [plaats 1] Roemenië,
hierna te noemen de vrouw,
tegen
[de man] ,
wonende in [plaats 2] , [adres 2] ,
hierna te noemen de man.
1. Het procesverloop
1.1. In het dossier zitten de volgende stukken:
- het verzoek tot bewijsverkrijging (formulier A) van de Rechtbank Iasi, sector civiel, Iasi, Roemenië, ontvangen op 10 november 2025;
- de ontvangstbevestiging van het verzoek om bewijsverkrijging (formulier B) van deze rechtbank. Door onderbezetting van de griffie is formulier B pas op 11 februari 2026 verstuurd.
2 De beoordeling
Uit het formulier A blijkt dat er tussen de vrouw en de man bij de rechtbank in Iasi, een echtscheidingsprocedure loopt. In die procedure heeft de vrouw verzocht om ontbinding van het huwelijk en om maatregelen met betrekking tot de uit het huwelijk van partijen op [geboortedag] 2022 geboren minderjarige, [minderjarige] . De man heeft in die procedure verzocht om vaststelling van een omgangsregeling met de minderjarige.
Het verzoek van de rechtbank in Iasi strekt tot het laten uitvoeren van een sociaal onderzoek naar de woon- en leefsituatie van de man en naar wat hij zijn minderjarige dochter kan bieden op het gebied van levensomstandigheden, opvoeding en onderwijs.
In artikel 11.1 van formulier A staat omschreven wat er precies onderzocht moet worden:
een sociaal onderzoek uit te voeren in de woning van de man in [plaats 2] met betrekking tot de levensomstandigheden, opvoeding en onderwijs die hij kan bieden aan de minderjarige, evenals de materiële en morele omstandigheden waarover de vader van de minderjarige beschikt, te vermelden waar hij woont, een beschrijving van het onroerend goed te geven, te vermelden of de vader van de minderjarige werkt, wat zijn werkrooster is, wat zijn relatie met de minderjarige is.
De rechtbank begrijpt dat de rechtbank in Iasi een sociaal onderzoek wil laten verrichten naar de (sociale context van) de man en de mogelijkheden tot opvoeding en onderwijs van de minderjarige, door de man, en dat zij de gevraagde informatie nodig heeft voor de beoordeling van de in de tussen de vrouw en de man aanhangige echtscheidingsprocedure ingediende verzoeken.
De rechtbank zal daarom de Raad voor de Kinderbescherming, Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg (hierna ook: de Raad) verzoeken een onderzoek in te stellen zoals hierna te melden en in dat onderzoek te willen betrekken de onderzoeksvragen zoals beschreven in artikel 11.1 van het formulier A.
De rechtbank verzoekt de Raad het rapport voor of uiterlijk op de hierna te noemen datum rechtstreeks bij haar in te dienen.
3 De beslissing
De rechtbank:
verzoekt de Raad voor de Kinderbescherming, Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg, op grond van de Europese Bewijsverordening een onderzoek in te stellen zoals verwoord in artikel 11.1 van het aangehechte verzoek om bewijsverkrijging (formulier A), een en ander in het kader van de in Roemenië tussen de vrouw en de man aanhangige echtscheidingsprocedure;
verzoekt de Raad schriftelijk verslag te doen naar aanleiding van het onderzoek en dit rapport uiterlijk op de familiekamerrol van 19 mei 2026 bij de rechtbank in te dienen, onder vermelding van het zaak- en rekestnummer;
bepaalt dat de griffier van deze rechtbank aan de rechtbank in Iasi, de vrouw en de man een afschrift van deze beschikking zal zenden;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. Voorn, rechter, en, in tegenwoordigheid van de griffier, mr. Knops-Pijper, in het openbaar uitgesproken op 9 maart 2026.