Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Rekestprocedure · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10 april 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:3939 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 10 april 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/civiel-recht/personen-en-familierecht/rekestprocedure/ecli-nl-rbzwb-2026-3939
Zaakgegevens
Op 10 april 2026 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 10 april 2026
- Datum publicatie
- 11 mei 2026
- Zaaknummer
- C/02/446838 / FA RK 26-1757
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- RekestprocedureRekestprocedureEen procedure die begint met een verzoekschrift (rekest) aan de rechter in plaats van met een dagvaarding.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2026:3939
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
intrekking verzoek VCM
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/446838 / FA RK 26-1757
Datum uitspraak: 10 april 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1981 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [woonplaats] ,
advocaat mr. J.E.S. de Rechter uit Hulst.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
-
het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 8 april 2026;
-
het op 9 april 2026 ontvangen bericht van de officier van justitie, met daarin een intrekking van het verzoek.
2 Het verzoek en de beoordeling daarvan
De officier van justitie verzoekt de rechtbank om voor betrokkene een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.
In voormeld op 9 april 2026 ontvangen bericht heeft de officier van justitie het verzoek in deze zaak ingetrokken.
De rechtbank overweegt als volgt. Nu voormeld verzoek is ingetrokken, kan dit verzoek niet meer worden onderzocht door de rechtbank. De rechtbank zal de officier van justitie daarom niet-ontvankelijk verklaren in zijn verzoek.
3 De beslissing
De rechtbank:
verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in zijn verzoek.
|
Deze beschikking is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 10 april 2026 door mr. de Beer, rechter, in aanwezigheid van de Keijzer, griffier. |
||
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.