Civiel recht overig

In beide handelsnamen komt/komen het woord/de woorden “Campingholidays” / “Camping Holidays” voor, zijnde de…

Rechtbank Zutphen, 1 augustus 2006

Zaakgegevens

Op 1 augustus 2006 heeft de Rechtbank Zutphen in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
1 augustus 2006
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
78641 / KG ZA 06-139
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBZUT:2006:AY5345
E-mail

Samenvatting

In beide handelsnamen komt/komen het woord/de woorden “Campingholidays” / “Camping Holidays” voor, zijnde de letterlijke vertaling uit het Engels van Kampeervakanties. Voorshands leidt dit tot de conclusie dat dit woord/deze woorden een louter beschrijvende aanduiding vormt/vormen van de aard van de

betreffende ondernemingen. Een dergelijke aanduiding mag evenwel niet met een beroep op het bepaalde in artikel 5 van de Handelsnaamwet worden gemonopoliseerd, zodat Vacansoleil aan het eerdere gebruik van deze woorden dan gedaagde geen rechten kan ontlenen. Dit brengt met zich, dat de woorden “Vacansoleil” en “vvo Nederland” als de kenmerkende bestanddelen van de door partijen gebezigde handelsnamen dienen te worden beschouwd. Deze woorden wijken zover van elkaar af, dat dientengevolge geen verwarring bij het publiek tussen die ondernemingen is te duchten ook al zijn zij beide in hetzelfde segment van de markt actief.

Procesgang

  1. Rechtbank Zutphen · 1 augustus 2006deze uitspraak

    ECLI:NL:RBZUT:2006:AY5345

  2. Gerechtshof Arnhem · 27 februari 2007

    ECLI:NL:GHARN:2007:BA0797

    Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK Zutphen

Sector Civiel – Afdeling Handel

zaaknummer / rolnummer: 78641 / KG ZA 06-139

Vonnis in kort geding van 1 augustus 2006

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VACANSOLEIL B.V.,

gevestigd te Eindhoven,

eiseres,

procureur mr. A.J.H. Ozinga,

advocaat mr. P.M. Kits te Eindhoven,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats], gemeente [gemeente],

gedaagde,

procureur mr. C.B. Gaaf,

advocaat mr. A.D.E. Theunissen te Deventer.

Partijen zullen hierna Vacansoleil en [gedaagde] genoemd worden.

1. De procedure

1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding, betekend op 17 juli 2006

- de mondelinge behandeling ter terechtzitting van 25 juli 2007

- de pleitnota van Vacansoleil

- de pleitnota van [gedaagde].

1.2 Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1 Vacansoleil is een onderneming die sinds 1972 een reisorganisatie exploiteert, waaronder begrepen de exploitatie van een reisbureau en de verhuur van vakantie-accomodaties, met name (bungalow-)tenten en (sta-)caravans in Europa ten behoeve van kampeertoerisme. In het Handelsregister staat zij ingeschreven onder de naam Vacansoleil B.V. De domeinnaam van haar website luidt vacansoleil.nl.

2.2 [gedaagde] exploiteert sinds tien jaar een onderneming die op een 15-tal campings in Kroatië, Spanje, Frankrijk, België en Nederland vakantieaccommodaties verhuurt, aanvankelijk onder de naam Vakantieverblijven Verhuur en Caravanhandel [naam] en sinds oktober 2004 onder de handelsnaam Campingholidays-vvo Nederland. In november 2004 heeft [gedaagde] de domeinnaam campingholidays-vvo.nl laten registreren.

3. Het geschil

3.1 Vacansoleil vordert - na vermeerdering van eis - dat de voorzieningenrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:

I [gedaagde] zal gelasten met onmiddellijke ingang iedere inbreuk op de

handelsnaamrechten van “Vacansoleil Camping Holidays” en elk overig

onrechtmatig handelen als nader in de dagvaarding omschreven te (doen) staken en

gestaakt (doen) houden en in het bijzonder ieder gebruik van de (handels-)naam

“Campingholidays-vvo Nederland” en “campingholidays-vvo.nl”, zoals [gedaagde] die

gebruikt, Vacansoleil Camping Holidays of enige andere naam die op

verwarringwekkende wijze overeenstemt met de naam Vacansoleil Camping

Holidays ter onderscheiding en/of promotie van de onderneming van Vacansoleil

en de door haar aangeboden diensten,

alsmede

II [gedaagde] zal bevelen om binnen vijftien dagen na betekening van dit vonnis

doorhaling van de domeinnaam “campingholidays-vvo.nl” bij SIDN te (doen)

bewerkstelligen,

alsmede

III [gedaagde] zal gelasten aan Vacansoleil een dwangsom van EUR 3.000,00 te betalen

voor elke dag (een gedeelte van de dag daaronder begrepen) dat zij met geheel of

gedeeltelijke nakoming van I en II in gebreke blijft,

althans

IV die voorziening zal treffen die de voorzieningenrechter in goede justitie vermeent

te behoren,

V [gedaagde] zal veroordelen in de kosten van dit geding,

VI [gedaagde] zal veroordelen tot vergoeding van de werkelijk gemaakte proceskosten, tot

en met 25 juli 2006 bedragend EUR 10.723,03.

[gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1 Vacansoleil heeft aan haar vorderingen primair ten grondslag gelegd, dat [gedaagde] door het voeren van de handelsnaam Campingholidays-vvo Nederland en de registratie en het gebruik van de domeinnaam campingholidays-vvo.nl inbreuk maakt op de oudere handelsnaamrechten van Vacansoleil Camping Holidays, en subsidiair dat [gedaagde] onrechtmatig handelt tegenover Vacansoleil Camping Holidays, onder meer doordat zij oneerlijk concurreert, het publiek misleidt en gratis meelift op c.q. aanhaakt bij de grote naamsbekendheid (goodwill) van het door Vacansoleil in de afgelopen jaren, zowel in naamsbekendheid als in fysieke omvang, groot gemaakte onderdeel van haar bedrijf Camping Holidays, marktleider in het luxe kampeersegment.

Ter ondersteuning van deze stellingen heeft Vacansoleil het volgende aangevoerd.

In 2000 heeft zij door middel van een persbericht bekend gemaakt, dat zij voor haar bedrijfsonderdeel kampeervakanties de naam Vacansoleil Camping Holidays zou gaan voeren. Door een intensieve reclame- en marketingcampagne heeft dit bedrijfsonderdeel in de afgelopen zes jaar een grote naamsbekendheid opgebouwd bij het relevante deel van het publiek en zich ontwikkeld tot de onbetwiste marktleider in dit deel van de vakantiemarkt voor kampeertoeristen uit Nederland en Denemarken.

Camping Holidays is een duidelijk afgebakend onderdeel van de Vacansoleil groep en zij voert deze handelsnaam sedert 2000.

[gedaagde] handelt onrechtmatig doordat zij in 2004 zonder enige geldige reden haar handelsnaam VVO Nederland heeft laten voorafgaan door Campingholidays. Daarmee ontstaat verwarring bij het publiek en lift zij gratis mee op de bekendheid en reclame- en marketinginspanningen van Vacansoleil.

4.2 Tussen partijen staat vast, dat beiden zich bezig houden met de verhuur van vakantieverblijven in Europa en dat zij daarmee elkaars concurrenten zijn, alsmede dat Vacansoleil zich vanaf 2000 in dat segment van de markt presenteert als Vacansoleil Camping Holidays en dat [gedaagde] in oktober 2004 de handelsnaam Campingholidays-vvo Nederland is gaan gebruiken.

Voor de vraag of [gedaagde] daarmee in strijd handelde met het bepaalde in artikel 5 van de Handelsnaamwet is - voor zover hier van belang - beslissend of sprake is van een handelsnaam die slechts in geringe mate afwijkt en dat dientengevolge in verband met de aard van de beide ondernemingen bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen is te duchten.

4.3 Dienaangaande staat vast, dat in beide handelsnamen het woord/de woorden “Campingholidays” / “Camping Holidays” voorkomt/voorkomen, zijnde de letterlijke vertaling uit het Engels van Kampeervakanties. Voorshands leidt dit tot de conclusie dat dit woord/deze woorden een louter beschrijvende aanduiding vormt/vormen van de aard van de

betreffende ondernemingen. Een dergelijke aanduiding mag evenwel niet met een beroep op het bepaalde in artikel 5 van de Handelsnaamwet worden gemonopoliseerd, zodat Vacansoleil aan het eerdere gebruik van deze woorden dan [gedaagde] geen rechten kan ontlenen. Dit brengt met zich, dat de woorden “Vacansoleil” en “vvo Nederland” als de kenmerkende bestanddelen van de door partijen gebezigde handelsnamen dienen te worden beschouwd. Deze woorden wijken zover van elkaar af, dat dientengevolge geen verwarring bij het publiek tussen die ondernemingen is te duchten ook al zijn zij beide in hetzelfde segment van de markt actief.

4.4 Het vorenstaande leidt tot de conclusie, dat noch de primaire grondslag noch de subsidiaire grondslag de vorderingen van Vacansoleil kunnen dragen, zodat deze moeten worden afgewezen.

4.5 Vacansoleil zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op:

- vast recht EUR 248,00

- overige kosten 0,00

- salaris procureur 816,00

Totaal EUR 1.064,00

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1 wijst de vorderingen af,

5.2 veroordeelt Vacansoleil in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op EUR 1.064,00,

5.3 verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad..

Dit vonnis is gewezen door mr. S.A.M. Vrendenbarg-Elsbeek en in het openbaar uitgesproken op 1 augustus 2006.