137 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|16 juni 2023|ECLI:NL:HR:2023:923
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 4 januari
- BelastingrechtCassatieDe Hoge Raad heeft het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard
Hoge Raad|27 september 2013|ECLI:NL:HR:2013:803
Hoge Raad. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 10 april
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|7 maart 2014|ECLI:NL:HR:2014:521
binnengekomen stuk. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 20 december
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|20 december 2019|ECLI:NL:HR:2019:2018
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 9 juli
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|3 maart 2017|ECLI:NL:HR:2017:353
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 12 augustus
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|11 juni 2021|ECLI:NL:HR:2021:920
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 15 oktober
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|11 oktober 2019|ECLI:NL:HR:2019:1572
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 6 augustus
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|17 februari 2017|ECLI:NL:HR:2017:255
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 8 december
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|18 maart 2016|ECLI:NL:HR:2016:449
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 25 juli
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|11 september 2026|ECLI:NL:HR:2026:1461
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 29 oktober
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|11 oktober 2019|ECLI:NL:HR:2019:1571
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 6 augustus
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|26 augustus 1998|ECLI:NL:HR:1998:AA2551
tegen diens uitspraak van 24 april 1995. Nu het beroepschrift binnen de in artikel 6:7 Awb genoemde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 31 augustus
- BelastingrechtCassatieArtikel 1, lid 9, SW; verstrekking en kwijtschelding van een onzakelijke lening; opschortende voorwaarde?
Hoge Raad|5 april 2024|ECLI:NL:HR:2024:518
ontvangen. 4.2 Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 24 augustus
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|27 november 1996|ECLI:NL:HR:1996:AA1759Aangehaald in 5 uitspraken
zaak zal dienen te voorzien. 4. Beroepstermijn na 1 januari 1994, algemeen. 4.1. Art. 6:7 Awb stelt de termijn voor bezwaar of beroep op zes weken. De termijn vangt
- BelastingrechtCassatieArt. 8:54 Awb: kennelijk niet-ontvankelijk. Eenmanszaak van belanghebbende ten onrechte als de belanghebbende…
Hoge Raad|6 juli 2018|ECLI:NL:HR:2018:1105
cassatieberoep 3.1. Het beroepschrift in cassatie is niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 15 september
- BelastingrechtCassatieOntvankelijkheid. Artikelen 6:9 en 6:11 Awb. Het door de Rechtbank doorgezonden stuk dat als een hoger…
Hoge Raad|18 maart 2011|ECLI:NL:HR:2011:BP7955
worden beschouwd. Gelet op de hiervoor in 3.2.1 vastgestelde feiten eindigde de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken op 30 maart 2009. Het vorenstaande brengt
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting; art. 9.6 en 9.7 Wet IB 2001, art. 45aa Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001, art…
Hoge Raad|25 juni 2026|ECLI:NL:HR:2026:907
redelijkheid zijn gesteld. De bezwaar- en beroepstermijn van zes weken als bedoeld in artikel 6:7 Awb kan in dit verband als zo’n redelijke termijn worden aangemerkt. 4.1.5 Evenmin staat
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.