38 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Art. 426 lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid wegens overschrijding termijn voor instellen…
Hoge Raad|24 juni 2016|ECLI:NL:HR:2016:1307Aangehaald in 5 uitspraken
Cassatieprocesrecht. Art. 426 lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid wegens overschrijding termijn voor instellen cassatieberoep. 24 juni 2016 Eerste Kamer 16/01795 EE/RB Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [verzoeker] , wonende … Centrale Raad heeft het doorgezonden naar de Hoge Raad. 3.2 Ingevolge art. 426 lid 1 Rv bedraagt de termijn voor het instellen van beroep in cassatie drie maanden, te rekenen vanaf
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Weigeren van verweerschrift in hoger beroep. Art. 362 en 282 lid 1 Rv, en Procesreglement…
Hoge Raad|29 januari 2016|ECLI:NL:HR:2016:155Aangehaald in 12 uitspraken
Procesrecht. Weigeren van verweerschrift in hoger beroep. Art. 362 en 282 lid 1 Rv, en Procesreglement verzoekschriftprocedures handels- en insolventiezaken gerechtshoven. 29 januari 2016 Eerste Kamer 15/03507 LZ/TT Hoge Raad der Nederlanden … mondelinge behandeling een verweerschrift kan indienen. Deze bepaling stemt overeen met art. 282 lid 1 Rv, dat ingevolge art. 362 Rv ook van toepassing is op de verzoekschriftprocedure in hoger beroep. Indien
- Civiel recht overigCassatieCassatie; art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de…
Hoge Raad|19 februari 2016|ECLI:NL:HR:2016:285
Cassatie; art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. 19 februari 2016 Eerste Kamer 15/05080 LZ/TT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak … oktober 2015 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Hoge Raad|8 juli 2016|ECLI:NL:HR:2016:1462Aangehaald in 8 uitspraken
Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. Later ingediend alsnog door advocaat bij de Hoge Raad ondertekend verzoekschrift wijkt af van oorspronkelijk … Hoge Raad ingekomen verzoekschrift. Dit verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. (ii) Bij brief
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid; verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Hoge Raad|29 januari 2016|ECLI:NL:HR:2016:158
Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid; verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. 29 januari 2016 Eerste Kamer 15/04585 LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak … oktober 2015 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Hoge Raad|22 april 2016|ECLI:NL:HR:2016:732
Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. 22 april 2016 Eerste Kamer 16/00035 LZ/RB Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak … januari 2016 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Hoge Raad|14 oktober 2016|ECLI:NL:HR:2016:2345
Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. 14 oktober 2016 Eerste Kamer 16/03201 LZ/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak … juni 2016 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Hoge Raad|24 juni 2016|ECLI:NL:HR:2016:1299
Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. 24 juni 2016 Eerste Kamer 16/01358 EV/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak … maart 2016 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Hoge Raad|10 juni 2016|ECLI:NL:HR:2016:1170
Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. 10 juni 2016 Eerste Kamer 16/01088 EE Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak … februari 2016 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld
- Civiel recht overigCassatieArt. 80a lid 1 Rv. Procesrecht. Vordering tot herroeping van uitspraken hof en Hoge Raad, art. 382 Rv.
Hoge Raad|29 januari 2016|ECLI:NL:HR:2016:156
1 Rv. Procesrecht. Vordering tot herroeping van uitspraken hof en Hoge Raad, art. 382 Rv. 29 januari 2016 Eerste Kamer 15/04239 LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [verzoeker
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat bij de Hoge Raad (art. 407 lid 3…
Hoge Raad|5 juli 2016|ECLI:NL:HR:2016:1389Aangehaald in 11 uitspraken
kunnen worden hersteld. 3.2 Uit art. 418a Rv in verbinding met art. 125 lid 1 Rv volgt dat het geding in cassatie aanhangig is vanaf de dag van dagvaarding. Voor het behoud … door een advocaat bij de Hoge Raad (art. 407 lid 3 Rv; art. 409 lid 1 Rv; art. 416 Rv), is een partij niet meer rechtsgeldig in het geding vertegenwoordigd indien haar
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Is onder de Wet werk en zekerheid nog een voorwaardelijk…
Hoge Raad|23 december 2016|ECLI:NL:HR:2016:2998Aangehaald in 91 uitspraken
toepassing? De advocaten van beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend en hebben op elkaars opmerkingen gereageerd. De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus
- Civiel recht overigCassatieDwangsom. Kan dwangsom worden verbonden aan veroordeling tot medewerking aan levering onroerend goed indien…
Hoge Raad|15 april 2016|ECLI:NL:HR:2016:667Aangehaald in 15 uitspraken
aanzien van de door [eiser] c.s. gevorderde dwangsom overwogen: “Volgens artikel 611a lid 1 Rv kan een dwangsom niet worden opgelegd in geval van een hoofdveroordeling tot betaling van een geldsom. Hoofdverplichting … akte geen directe executiemiddelen voorhanden zijn. 3.3.2 In de tweede zin van art. 611a lid 1 Rv is bepaald dat een dwangsom niet kan worden opgelegd in geval van een veroordeling
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vragen (art. 392 Rv); vragen behandeld ondanks schikking (art. 393 lid 9 Rv)…
Hoge Raad|3 juni 2016|ECLI:NL:HR:2016:1087Aangehaald in 123 uitspraken
bodemprocedure, maar daarvan toch in diverse opzichten afwijken. 3.3.3 De bepaling van art. 125 lid 1 Rv, dat het geding aanhangig is vanaf de dagvaarding, leent zich niet voor toepassing … uitvoerbaar bij voorraad kan worden verklaard. In dit verband is de in art. 332 lid 1 Rv vermelde appelgrens van € 1.750,-- (overeenkomstig) van toepassing omdat het antwoord op de vraag in welke
- Civiel recht overigCassatieAppelprocesrecht. Buiten behandeling laten van nieuwe vordering in hoger beroep zonder toepassing te geven…
Hoge Raad|25 maart 2016|ECLI:NL:HR:2016:493Aangehaald in 15 uitspraken
bezwaar op de voet van art. 130 lid 1 in verbinding met art. 353 lid 1 Rv van de vrouw tegen de eisvermeerdering van de man of een ambtshalve toepassing van deze … procesvoering in eerste aanleg heeft gedaan of nagelaten. Op grond van art. 353 lid 1 Rv in verbinding met art. 130 Rv komt aan de oorspronkelijke eiser de bevoegdheid
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in…
Hoge Raad|12 augustus 2016|ECLI:NL:HR:2016:1927Aangehaald in 8 uitspraken
afschrift aan een huisgenoot of andere persoon die zich ter plaatse bevindt (art. 46 lid 1 Rv) of achterlating van een afschrift aan de woonplaats dan wel toezending per post … 1 Rv). 3.4.3 De ontvanger voert rechtsgedingen voortvloeiende uit de uitoefening van zijn taak in zijn eigen hoedanigheid (zie art. 3 lid 2 Iw 1990). Alleen hij is dus bevoegd
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in…
Hoge Raad|12 augustus 2016|ECLI:NL:HR:2016:1928Aangehaald in 7 uitspraken
afschrift aan een huisgenoot of andere persoon die zich ter plaatse bevindt (art. 46 lid 1 Rv) of achterlating van een afschrift aan de woonplaats dan wel toezending per post … 1 Rv). 3.4.3 De ontvanger voert rechtsgedingen voortvloeiende uit de uitoefening van zijn taak in zijn eigen hoedanigheid (zie art. 3 lid 2 Iw 1990). Alleen hij is dus bevoegd
- Civiel recht overigCassatiePrejudiciële vraag (art. 392 Rv). EU-Handhavingsrichtlijn 2004/48/EG. Exhibitie. Art. 1019a, 1019b en 843a…
Hoge Raad|18 november 2016|ECLI:NL:HR:2016:2643Aangehaald in 7 uitspraken
welke zin.” De advocaten van partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend, voor Synthon mede door mr. M.G.R. van Gardingen en mr. H.J. Pot. De advocaat … Handhavingsrichtlijn is door de Nederlandse wetgever mede invulling gegeven door het (in art. 843a lid 1 Rv) stellen van de eis dat de rechthebbende een rechtmatig belang bij de exhibitie heeft. Weliswaar
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Griffierecht in hoger beroep, na anticipatie door geïntimeerde, door appellant te laat betaald…
Hoge Raad|2 december 2016|ECLI:NL:HR:2016:2760
verleend. De zaak is overeenkomstig art. 123 lid 1 in verbinding met art. 353 lid 1 Rv verwezen naar de roldatum van 25 november 2014 voor “Procesvertegenwoordiger stellen appellant + afwachten betaling griffierecht … ontslagen van de instantie (art. 127a lid 2 Rv in verbinding met art. 353 lid 1 Rv). 4.2.1 Het middel keert zich tegen de laatstgenoemde beslissingen, alsmede tegen een viertal daaraan voorafgegane
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Begrotingsprocedure tussen advocaat en cliënt ingevolge art. 38 lid 4 Wet…
Hoge Raad|8 juli 2016|ECLI:NL:HR:2016:1514
Raad leest:] vatbare beschikking. Partijen hebben geen schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. De Advocaat-Generaal L.A.D. Keus concludeert dat art. 38 lid 4 Wrb aldus moet … voorgaande betekent dat de vaststelling geschiedt bij beschikking. Op grond van art. 430 lid 1 Rv is de grosse van die beschikking vatbaar voor tenuitvoerlegging. De omstandigheid dat de hiervoor
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.