2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigSchepelingenvoorrecht. Concordantiebeginsel. Zeevarenden vorderen schadevergoeding omdat de werkgever niet…
Parket bij de Hoge Raad|20 april 2018|ECLI:NL:PHR:2018:741
zeevarende op of ten behoeve van dat schip heeft gewerkt? Vervaltermijn van art. 8:219 BW. Gedekt verweer. Zaaknr: 17/02403 mr. W.L. Valk Zitting: 20 april 2018 Conclusie inzake: Coöperatieve Rabobank … zijn niet tekortgeschoten in hun schadebeperkingsplicht (onder 10.1-10.8). h. De vervaltermijn van art. 8:219 BW speelt geen rol omdat Rabobank blijkens het proces-verbaal van de comparitie van partijen
- Civiel recht overigCassatieberoep niet-ontvankelijk; overschrijding cassatietermijn van art. 402 lid 2 jo. 339 lid 2 Rv.
Parket bij de Hoge Raad|23 maart 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV0638
voor wanneer een vordering "in rechte geldend" is gemaakt in de zin van art. 8:219 BW en, in dat verband, jegens wie de schuldeiser zijn vordering in rechte geldend moet hebben … gemaakt, wil de vervaltermijn ex art. 8:219 BW gestuit zijn. Aan bespreking van deze vraag kan m.i. worden niet toegekomen, omdat niet tijdig in cassatie is opgekomen tegen het te bestrijden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.