47 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigNiet gefactureerd onderhanden werk niet toewijsbaar. In AV overeengekomen betalingstermijn van 30 dagen vanaf…
Rechtbank Rotterdam|16 augustus 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:8198
niet toewijsbaar. In AV overeengekomen betalingstermijn van 30 dagen vanaf factuurdatum. Factuurdatum ontbreekt. Art 6:38 BW niet van toepassing, art 6:39 lid 1 BW belet vorderen eerdere nakoming. RECHTBANK ROTTERDAM … betaling van het onderhanden werk opeisbaar is, heeft THNa een beroep gedaan op artikel 6:38 BW. Artikel 6:38 BW bepaalt dat indien geen tijd voor de nakoming is bepaald, terstond
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering tot terugbetaling van een lening. Gedaagde is niet aan te merken als borg. De geldverstrekker had…
Rechtbank Rotterdam|1 juli 2015|ECLI:NL:RBROT:2015:4691
geringe duur door een medeschuldenaar. De lening is niet op grond van art. 6:38 BW opeisbaar. Redelijkheid en billijkheid. vonnis RECHTBANK ROTTERDAM Team haven en handel zaaknummer / rolnummer: C/10/462393 … verplichting tot aflossing is bepaald zodat [gedaagde] als hoofdelijk medeschuldenaar op grond van artikel 6:38 BW gehouden is de geldlening op eerste verzoek van [eiser] af te lossen. [eiser] heeft voorts
- Civiel recht overigKort gedingHet betreft een geldvordering in kort geding. Eiseres is een holdingvennootschap met twee aandeelhouders, X…
Rechtbank Rotterdam|25 mei 2010|ECLI:NL:RBROT:2010:BM9783
Aangezien partijen geen afspraken hebben gemaakt over een aflossingstermijn, geldt de hoofdregel van artikel 6:38 BW en is de vordering direct opeisbaar. De stelling van Y dat de vordering naar maatstaven … worden door [gedaagde] immers niet betwist. Daarnaast is de vordering op grond van artikel 6:38 BW direct opeisbaar, nu partijen geen afspraken hebben gemaakt over de aflossingstermijn van de schuld. Bovendien
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOvk van geldlening; geen termijn terugbetaling; art 6:38 BW direct opeisbaar; verjaringstermijn art 3:307 lid…
Rechtbank Rotterdam|4 december 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:11248
geldlening; geen termijn terugbetaling; art 6:38 BW direct opeisbaar; verjaringstermijn art 3:307 lid 1 en lid 2 BW; verjaringstermijn moment mededeling opeisen; terugbetalingstermijn art 7A:1797 BW, geen rente overeengekomen … nakoming is bepaald, betekent in beginsel dat de verbintenis krachtens het bepaalde in artikel 6:38 BW direct opeisbaar is en de verjaringstermijn meteen begint te lopen zoals bepaald in artikel
- Civiel recht overigKort gedingToewijzing vordering afgifte legaat onder voldoening/zekerheidsstelling bedrag oplegging. Legaat geen schuld…
Rechtbank Rotterdam|4 december 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:11129
regeling getroffen voor de opeisbaarheid van een legaat, niet zijnde een geldsom. Uit artikel 6:38 BW vloeit daarom voort dat, tenzij de erflater anders heeft bepaald, de vordering tot afgifte … testament van erflaatster moet worden gezien als een tijdsbepaling als bedoeld in artikel 6:38 BW. De (veelvoorkomende) tijdsbepaling in het testament van erflaatster is, zo is de voorzieningenrechter met Dordrechts Dierentehuis
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigPerikelen rond betalingen en leningen van stichting aan (thans ex-) bestuurder. Décharge? Vernietigbaarheid…
Rechtbank Rotterdam|26 augustus 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:7915
Perikelen rond betalingen en leningen van stichting aan (thans ex-) bestuurder. Décharge? Vernietigbaarheid bestuursbesluit? Verval van recht? Onverschuldigde betaling? Verjaring? Verrekening? (Ex-)bestuurder dient bewijs en tegenbewijs te leveren.
- VerbintenissenrechtKort gedingkort geding; nakoming leveringsverplichtingen
Rechtbank Rotterdam|9 juni 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:4710
moment van leveren en betalen, zodat op grond van het bepaalde in artikel 6:38 BW in beginsel zowel ten aanzien van beide verplichtingen terstond nakoming kan worden gevorderd. Uit de rechtsverhouding … terstond” nakoming kan vorderen van de leveringsverplichting van MB (artikel 6:38 BW) en dat zij MB onverplicht tegemoet komt door niet meer te vragen dan levering conform de door MB zelf
- ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudigPremievordering bedrijfstakpensioenfonds. Verzet tegen dwangbevel ex artikel 21 Wet Bpf. Verjaring…
Rechtbank Rotterdam|25 maart 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:3805
vorderen. Als geen termijn voor nakoming is bepaald, is een verbintenis ‘terstond’ opeisbaar (artikel 6:38 BW). Als wel een termijn is bepaald, is de vordering in het algemeen pas opeisbaar … heeft geoordeeld) niet dat de vordering daarmee niet opeisbaar is geworden. Uit artikel 6:38 BW volgt dat een verbintenis opeisbaar is als de schuldeiser gerechtigd is nakoming te vorderen
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Rotterdam · Eerste aanleg - enkelvoudig · Verbintenissenrecht
Rechtbank Rotterdam|15 april 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:2976
kwalificeert als een overeenkomst van geldlening. [eiser] stelt dat [gedaagde] op grond van artikel 6:38 BW dat de overeenkomst - dat wil zeggen de terugbetaling van het geleende bedrag - terstond dient … terugbetaald diende te worden. Als uitgangspunt heeft alsdan te gelden dat, gelet op artikel 6:38 BW, een lening onmiddellijk opeisbaar is. Nu tussen partijen niet in geschil is dat het bedrag
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigAfwikkeling van tussen partijen bestaande overeenkomsten van factoring en debiteurenbeheer, een…
Rechtbank Rotterdam|4 september 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:7970
gebreke van een afspraak over het moment van opeisbaarheid, terstond nakoming ex artikel 6:38 BW kan worden gevorderd. Aangezien ECP Factoring op 10 oktober 2017 aanspraak heeft gemaakt op terugbetaling … toegestaan. Dit uitstel is een uitzondering op de door ECP aangehaalde hoofdregel uit artikel 6:38 BW dat nakoming van een verbintenis terstond kan worden gevorderd. De rechtbank begrijpt het verweer
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Opheffen beslag. In conventie is voorshands niet aannemelijk dat volledige hoofdsom is…
Rechtbank Rotterdam|29 november 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:10855
lening op het ontslag van [eiseres01] als bestuurder van Fort Oranje en op artikel 6:38 BW. De voorzieningenrechter overweegt dat in deze procedure geen oordeel wordt gevraagd over het door Divine … moment evenmin aan de orde. Dat betekent dat het beroep van Divine op artikel 6:38 BW niet slaagt. Dat neemt niet weg dat ook voor een vordering die nog niet opeisbaar
- Civiel recht overigKort gedingInhoudsindicatie: Geldvordering. Schuldeisersverzuim. Verrekening.
Rechtbank Rotterdam|30 maart 2016|ECLI:NL:RBROT:2016:3149
plaatsgevonden. Alsdan is geen termijn van betaling overeengekomen en geldt het bepaalde in artikel 6:38 BW, waarin staat: Indien geen tijd voor de nakoming is bepaald, kan de verbintenis terstond worden … overwogen ten aanzien van de termijn van betaling en het bepaalde in artikel 6:38 BW geldt en door OBE-One ten titel van verrekening nakoming is gevorderd van betaling
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOpeisbaarheid lening afgewezen. Schriftelijkheidsvereiste rente in geldleenovereenkomst.
Rechtbank Rotterdam|7 november 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:9134
Burgerlijk Wetboek (BW) van toepassing zijn. Voorts is van toepassing het bepaalde in artikel 6:38 BW. Uit deze artikelen volgt, voor zover van belang, dat een uitlener het ter leen gegevene … naar het oordeel van de rechtbank niet tot het door hen beoogde gevolg. Artikel 6:38 BW bepaalt dat indien geen tijd voor de nakoming is bepaald, de verbintenis terstond kan worden
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBoetebeding koopovereenkomst percelen grond. Zijn kopers tekortgeschoten in naleving inspanningsverplichting?…
Rechtbank Rotterdam|27 juli 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:6880
waarbinnen indiening van een nieuwe aanvraag vooroverleg zou moeten plaatsvinden. Op grond van artikel 6:38 BW is een verbintenis echter terstond opeisbaar wanneer geen tijd voor de nakoming is bepaald … nieuwe aanvraag vooroverleg in te dienen. 4.9. De partij die op grond van artikel 6:38 BW terstond nakoming kan vorderen, dient hierbij op grond van artikel 6:2 BW
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigNakoming gevorderd van een afspraak uit een samenlevingsovereenkomst. Afspraak wordt niet betwist. Vordering…
Rechtbank Rotterdam|27 juni 2025|ECLI:NL:RBROT:2025:9600
geen termijn voor de nakoming is bepaald, kan terstond nakoming worden gevorderd (artikel 6:38 BW). [eiseres] heeft [gedaagde] op 26 november 2024 per e-mail gewezen op de drie maanden termijn
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHet gaat om een geldlening die niet is terugbetaald, vanwege spoedeisend belang is het bedrag teruggevorderd…
Rechtbank Rotterdam|12 juni 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:5796
stand gekomen, waarbij geen termijn voor terugbetaling is overeengekomen. Artikel 6:38 BW schrijft voor dat een overeenkomst dan ter stond kan worden gevorderd. Op grond hiervan is [gedaagde] gehouden
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigGeschil over nakoming echtscheidingsconvenant. Eis wordt afgewezen, want deze is verjaard.
Rechtbank Rotterdam|7 juli 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:6071
gedaagde01] heeft, is dus in ieder geval op die momenten opeisbaar geworden (artikel 6:38 BW). Toen is de verjaringstermijn dus gaan lopen. 2.8. De kantonrechter oordeelt dat een verjaringstermijn van vijf
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - enkelvoudigvernietiging verstekvonnis.
Rechtbank Rotterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:6400
betaling van het geleende bedrag in termijnen van € 300,- met [gedaagde] is overeengekomen. Artikel 6:38 BW bepaalt dat als geen tijd voor de nakoming is bepaald, terstond nakoming kan worden gevorderd
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVorderingen afgewezen. Betalingsregeling werd nagekomen, dus vordering niet opeisbaar.
Rechtbank Rotterdam|12 augustus 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:6770
Infomedics vanaf dat moment niet opeisbaar was, zo lang de betalingsregeling werd nagekomen (art. 6:38 BW). 4.3. Infomedics stelt zich op het standpunt dat [gedaagde] de betalingsregeling niet is nagekomen, omdat
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVergoedingsrecht vrouw wegens aflossing € 212.000,-- op hypotheekschuld gemeenschappelijke woning…
Rechtbank Rotterdam|24 juli 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:6407
verbintenis is bepaald, terstond nakoming van de verbintenis kan worden gevorderd (art. 6:38 BW), maar deze bepaling heeft in een geval als hier aan de orde te wijken voor de wettelijke
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.