116 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieOnderzoek Vidar. Eendaadse samenloop van medeplegen bereiden en aanwezig hebben van speed (art. 2.B en 2.C…
Hoge Raad|10 februari 2026|ECLI:NL:HR:2026:178
Onderzoek Vidar. Eendaadse samenloop van medeplegen bereiden en aanwezig hebben van speed (art. 2.B en 2.C Opiumwet), medeplegen witwassen van geldbedrag (art. 420bis.1.b Sr) en gewoontewitwassen van geldbedragen (art. 420ter.1 jo. 420bis.1.b Sr). 1. HR wijdt algemene beschouwingen aan inzet van ‘criminele…
- Strafrecht overigCassatie in het belang der wetCassatie in het belang van de wet. Afgewezen vordering tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis bij…
Hoge Raad|30 juni 2026|ECLI:NL:HR:2026:1004
bedoeld. 5.4 Artikel 529 lid 5 in samenhang met artikel 530 lid 4 Sv voorziet in een specifieke regeling met het oog op enkele bijzondere procedures waarin de kosten voor rechtsbijstand
- Strafrecht overigWrakingAfwijzing wrakingsverzoek
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|13 januari 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:233
mogelijkheid tot wraking te voorkomen, zal het hof op de voet van artikel 515 lid 4 Sv bepalen dat in deze zaak een volgend verzoek tot wraking dat berust op dezelfde gronden
- Strafrecht overigWrakingwrakingsverzoek ongegrond verklaard
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|13 januari 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:231
voorkomen, zal het hof op de voet van artikel 17 Wahv juncto 515 lid 4 Sv bepalen dat in deze zaken een volgend verzoek tot wraking die berust op dezelfde grondslag, namelijk
- Strafrecht overigWrakingAfwijzing wrakingsverzoek
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|13 januari 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:232
mogelijkheid tot wraking te voorkomen, zal het hof op de voet van artikel 515 lid 4 Sv bepalen dat in deze zaken een volgend verzoek tot wraking aan de zijde van verzoekster
- StrafprocesrechtWrakingtweede wrakingsverzoek (art. 512 Sv en artikel 513 Sv)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|23 januari 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:728
beslissing, geen nieuw feit of een nieuwe omstandigheid in, als bedoeld in artikel 513 lid 4 Sv, die maakt dat anders moet worden beslist op het wrakingsverzoek dan in voormelde beslissing. Immers
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigBeklag ex art. 552a Sv gegrond. Belang van klager weegt zwaarder dan de strafvorderlijke belangen.
Rechtbank Rotterdam|24 februari 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:2894
Stichting redelijkerwijs rechthebbende is op het beslagen geld in de zin van artikel 116 lid 4 Sv en op die grond recht heeft op afgifte van geld. De klager heeft verzocht
- Strafrecht overigHoger beroepTen laste van de verdachte is bewezenverklaard dat zij zich in een tijdsbestek van anderhalve maand samen met…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 mei 2026|ECLI:NL:GHSHE:2026:1520
strafgeding heeft gevoegd, is overleden, de rechter op grond van artikel 361 lid 4 Sv moet beslissen op de betreffende vordering. Als de voeging in eerste aanleg heeft plaatsgehad, dan duurt
- Strafrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigArtikel 6:6:25 Sv. De politierechter wijst de vordering toe en machtigt de officier van justitie tot de…
Rechtbank Overijssel|8 juli 2026|ECLI:NL:RBOVE:2026:4418
geen contact heeft kunnen krijgen met veroordeelde. Artikel 279 Sv is ingevolge artikel 6:6:4 Sv niet van toepassing. Om die reden wordt de raadsvrouw in de gelegenheid gesteld het woord
- Strafrecht overigConclusie AG. Beklag ex art. 552a Sv tegen beslag ex art. 94 Sv op personenauto. Rechtbank heeft klaagster…
Parket bij de Hoge Raad|3 februari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:140
baat vervreemd. De betreffende opbrengst bedroeg € 5.566. Daarmee is het beslag conform art. 117 lid 4 Sv komen te rusten op de verkregen opbrengst. Zie HR 23 november 1993, ECLI
- Strafrecht overigConclusie AG. Diefstal lokportemonnee. Middel klaagt over de verwerping van het verweer strekkende tot n-o…
Parket bij de Hoge Raad|19 mei 2026|ECLI:NL:PHR:2026:497
voorkomen/structurele vormfout te voorkomen. i. Bij bewijsuitsluiting, enkel bekennende verklaring over, doch: art. 341 lid 4 sv: bekennende verklaring cl. – dat hij de portemonnee heeft weggenomen; hoewel hij daar voordat
- Strafrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigBezwaarschrift herroeping VI met 600 dagen in verband met nieuwe strafbare feiten. Eenvoudig van aard /…
Rechtbank Gelderland|21 mei 2026|ECLI:NL:RBGEL:2026:4004
gaat om een onderliggende v.i. van meer dan een jaar. Artikel 6:6:8 lid 4 Sv verklaart artikel 21 Sv van toepassing, hetgeen betekent dat het bezwaarschrift door een enkelvoudige kamer
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeling tot 8 maanden gevangenisstraf. Opzettelijke invoer van 1.991,1 gram cocaïne. Strafmotivering…
Rechtbank Noord-Holland|28 juli 2026|ECLI:NL:RBNHO:2026:9635
inhoudende verslagen van een deskundige als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef, onder 4°, Sv, zijnde rapporten NFiDENT, beide afkomstig van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), gedateerd 7 januari
- Strafrecht overigConclusie AG. Bedreiging en mishandeling. Falend middel over bevestiging van beslissing tot partiële…
Parket bij de Hoge Raad|12 mei 2026|ECLI:NL:PHR:2026:452
niet reeds sprake bij de enkele schending van een fundamenteel recht.” 2.8 Art. 361 lid 4 Sv schrijft voor dat de beslissing op de vordering van de benadeelde partij met redenen
- Strafrecht overigConclusie AG. Opzettelijk aanwezig hebben hennep (art. 3C OW) in woning waar verdachte ingeschreven staat…
Parket bij de Hoge Raad|2 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:747
Opiumwet. 3. Een schriftelijk bescheid als bedoeld in artikel 344, eerste lid, onder 4 Sv, te weten een informatiestaat SKDB-persoon van verdachte, met laatst opgegeven woon- of verblijfplaats: [BFK: afbeelding informatiestaat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigBeslissing van de rechtbank op het bezwaarschrift tegen de beslissing van de rechter-commissaris om een…
Rechtbank Noord-Holland|12 maart 2026|ECLI:NL:RBNHO:2026:2791
toegewezen” (het ging in die zaak om een machtiging op grond van artikel 34 lid 4 Sv). De Hoge Raad oordeelde dat de officier van justitie op grond van artikel 446 Sv
- Strafrecht overigConclusie AG. Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep. Termijnoverschrijding…
Parket bij de Hoge Raad|29 september 2026|ECLI:NL:PHR:2026:896
juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:871, r.o. 2.6. Vgl. t.a.v. art. 366 lid 4 Sv: HR 30 oktober 2018, ECLI:NL:2018:2008, r.o. 2.5 en HR 8 oktober 2019, ECLI
- Strafrecht overigConclusie AG. Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep. In Nederlandse taal opgestelde…
Parket bij de Hoge Raad|17 maart 2026|ECLI:NL:PHR:2026:258
verdacht en de mededelingen als bedoeld in artikel 260 lid 3, tweede volzin, en lid 4 Sv. 8. Het huidige vijfde lid van artikel 260 Sv is ingevoerd ter implementatie van Richtlijn
- Strafrecht overigConclusie AG. Medeplegen opzettelijk teweegbrengen ontploffing (art. 157 Sr). Middel bevat klachten over…
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2026|ECLI:NL:PHR:2026:524
Hoge Raad volgt dat de eisen aan de motivering als bedoeld in artikel 361 lid 4 Sv afhankelijk zijn van de wijze waarop de vordering door de benadeelde partij is onderbouwd
- Strafrecht overigConclusie AG. Ontvankelijkheid hoger beroep. Hof heeft verdachte n-o verklaard in h.b. omdat het te laat is…
Parket bij de Hoge Raad|10 februari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:168
geval kan sprake zijn als de verdachte in strijd met art. 366 lid 4 Sv niet een schriftelijke vertaling van de mededeling als bedoeld
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.