96 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieMet dagvaarding ingeleide cassatie in verzoekschriftprocedure. Wisselbepaling, art. 69 Rv. Hoge Raad beveelt…
Hoge Raad|29 maart 2013|ECLI:NL:HR:2013:BY7841
ingeleide cassatie in verzoekschriftprocedure. Wisselbepaling, art. 69 Rv. Hoge Raad beveelt voortzetting overeenkomstig verzoekschriftprocedure, art. 426a Rv. 29 maart 2013 Eerste Kamer 12/00122 RM/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak … toegewezen, en het hof bij beschikking uitspraak heeft gedaan, had de vrouw, ingevolge art. 426a Rv, het beroep in cassatie bij verzoekschrift dienen in te stellen. De Hoge Raad zal als volgt
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Cassatie, ontvankelijkheid, relatieve nietigheid, herstel van verzuim in beroepschrift om een…
Hoge Raad|10 juli 2009|ECLI:NL:HR:2009:BI0773Aangehaald in 48 uitspraken
Cassatie, ontvankelijkheid, relatieve nietigheid, herstel van verzuim in beroepschrift om een cassatieadvocaat te stellen (art. 426a Rv.) door binnen twee weken alsnog een door een cassatieadvocaat ondertekend exemplaar in te dienen
- Civiel recht overigCassatieCassatieprocesrecht. Cassatieberoep niet-ontvankelijk, art. 426a Rv. Geen cassatieadvocaat gesteld.
Hoge Raad|28 oktober 2016|ECLI:NL:HR:2016:2444
Cassatieprocesrecht. Cassatieberoep niet-ontvankelijk, art. 426a Rv. Geen cassatieadvocaat gesteld. 28 oktober 2016 Eerste Kamer 16/04206 LZ/IF Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [verzoeker], wonende te [woonplaats], VERZOEKER
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Ontvankelijkheid in cassatie, art. 426a lid 1 Rv; verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Hoge Raad|10 mei 2019|ECLI:NL:HR:2019:685
advocaat bij HR. Vormt art. 46 lid 4 Wet bescherming persoonsgegevens een uitzondering op art. 426a Rv? Gelijkheidsbeginsel. 10 mei 2019 Eerste Kamer 19/00013 TT/AR Hoge Raad der Nederlanden Beschikking
- Civiel recht overigCassatieWSNP; cassatie, per fax aangekondigd beroep niet-ontvankelijk omdat fax niet is ingediend en ondertekend door…
Hoge Raad|26 januari 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ1614
cassatierekest na termijn is ingekomen zonder beroep op bijzondere omstandigheden die overschrijding rechtvaardigen (art. 426a Rv.). 26 januari 2007 Eerste Kamer Rek.nr. R05/093HR MK/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak
- Civiel recht overigCassatieprocesrecht. Cassatieberoep niet-ontvankelijk, art. 426a Rv. Geen cassatieadvocaat gesteld.
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2016|ECLI:NL:PHR:2016:936
Cassatieprocesrecht. Cassatieberoep niet-ontvankelijk, art. 426a Rv. Geen cassatieadvocaat gesteld. 16/04206 Mr. F.F. Langemeijer 9 september 2016 Conclusie inzake het verzoek van: [verzoeker] 1. Bij beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Civiel recht overigMet dagvaarding ingeleide cassatie in verzoekschriftprocedure. Wisselbepaling, art. 69 Rv. Hoge Raad beveelt…
Parket bij de Hoge Raad|29 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BY7841
ingeleide cassatie in verzoekschriftprocedure. Wisselbepaling, art. 69 Rv. Hoge Raad beveelt voortzetting overeenkomstig verzoekschriftprocedure, art. 426a Rv. 12/00122 Mr. E.B. Rank-Berenschot Zitting: 21 december 2012 CONCLUSIE inzake: [De vrouw], eiseres … gekomen en het hof bij beschikking uitspraak heeft gedaan, had de vrouw, ingevolge art. 426a Rv, het beroep in cassatie bij verzoekschrift dienen in te stellen. 2.2 De keuze voor een verkeerde
- Civiel recht overigWSNP; cassatie, per fax aangekondigd beroep niet-ontvankelijk omdat fax niet is ingediend en ondertekend door…
Parket bij de Hoge Raad|26 januari 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ1614
cassatierekest na termijn is ingekomen zonder beroep op bijzondere omstandigheden die overschrijding rechtvaardigen (art. 426a Rv.). Rolnr. R05/093HR mr. L. Timmerman Parket 3 november 2006 Conclusie inzake: 1. [Verzoeker 1] 2. [Verzoekster … juli 2005 voldoet aan de eisen in lid 1 en 2 van art. 426a Rv, maar is buiten de cassatietermijn genoemd in art. 341 lid 7 Fw ingediend en dient om deze
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Ontvankelijkheid in cassatie, art. 426a lid 1 Rv; verzoekschrift niet ondertekend door advocaat…
Parket bij de Hoge Raad|1 maart 2019|ECLI:NL:PHR:2019:502
advocaat bij HR. Vormt art. 46 lid 4 Wet bescherming persoonsgegevens een uitzondering op art. 426a Rv? Gelijkheidsbeginsel. Zaaknr: 19/00013 Mr. F.F. Langemeijer Zitting: 1 maart 2019 Conclusie (art. 80a) inzake: [verzoeker
- Civiel recht overigProcesrecht. Cassatie, ontvankelijkheid, relatieve nietigheid, herstel van verzuim in beroepschrift om een…
Parket bij de Hoge Raad|10 juli 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BI0773
Cassatie, ontvankelijkheid, relatieve nietigheid, herstel van verzuim in beroepschrift om een cassatieadvocaat te stellen (art. 426a Rv.) door binnen twee weken alsnog een door een cassatieadvocaat ondertekend exemplaar in te dienen. Zaaknr
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|12 april 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD9348
volgt dat de onderhavige klacht doel mist, voorzover die al voldoet aan de uit art. 426a Rv. (oud(14)), tweede lid blijkende maatstaf (de klacht geeft immers nauwelijks aan welke bezwaren tegen … niet nader toegelicht of beargumenteerd. Deze klacht voldoet dus niet aan de uit art 426a Rv., tweede lid, voortvloeiende eis. 11) Dan wat betreft de in alinea 4 sub c. hiervóór omschreven
- Civiel recht overigCassatie17 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/141HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|17 december 2004|ECLI:NL:HR:2004:AQ0537
niet waarom dit zo zou zijn en voldoet derhalve niet aan de eisen van art. 426a Rv. Het onderdeel klaagt verder dat eveneens onbegrijpelijk is het oordeel … aangevoerde klacht is onvoldoende bepaald en voldoet daarom niet aan de eisen van art. 426a Rv. 3.5.1 Onderdeel 2.2 komt met rechts- en motiveringsklachten op tegen het oordeel
- Civiel recht overigCassatieprocesrecht. Niet-ontvankelijkheid. Procesinleiding niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1195
wordt ‘nogmaals’ cassatieberoep ingesteld en wordt het ‘incidenteel verzoek’ herhaald. 4. Op grond van art. 426a Rv dient het cassatieberoep in een verzoekzaak te worden aangebracht door middel van een procesinleiding … procesinleiding is niet getekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Het verzuim om art. 426a Rv in acht te nemen, kan volgens vaste rechtspraak van Uw Raad worden hersteld door hetzelfde
- Personen- en familierechtCassatieCassatieprocesrecht. Personen- en familierecht. Mag verweerder in cassatie pas in geding verschijnen nadat…
Hoge Raad|9 juni 2017|ECLI:NL:HR:2017:1066Aangehaald in 33 uitspraken
verzoekschriftprocedure in cassatie kent een eigen regeling voor de verschijning van partijen en belanghebbenden (art. 426a Rv en 426b Rv). Er bestaat echter geen grond het verschijnen in het geding nadat
- InsolventierechtCassatie11 februari 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/063HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|11 februari 2005|ECLI:NL:HR:2005:AR6209Aangehaald in 6 uitspraken
advocaat bij de Hoge Raad en voldoet dus niet aan de eis van art. 426a Rv. Dit gebrek zou hebben kunnen worden hersteld door indiening ter griffie, binnen korte tijd
- Personen- en familierechtCassatie25 maart 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R03/139HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1…
Hoge Raad|25 maart 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT0412Aangehaald in 14 uitspraken
klachten van het middel al voldoen aan de eisen die daaraan op grond van art. 426a Rv. moeten worden gesteld, stuiten zij alle af op hetgeen hiervoor is overwogen. 4. Beslissing
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|13 juli 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB2565
Cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen in samenhang met art. 426a Rv. moet worden aangenomen dat in Antilliaanse burgerlijke zaken, evenals in soortgelijke Nederlandse zaken, dergelijke verzoekschriften door een advocaat bij de Hoge
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|15 september 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA7104
ingediend door een advocaat bij de Hoge Raad. Ingevolge het in deze zaak toepasselijke art. 426a Rv. moet verzoeker reeds daarom in zijn beroep niet-ontvankelijk worden verklaard. 4. Beslissing De Hoge
- Personen- en familierechtCassatieOntvankelijkheid cassatieberoep, indiening cassatierekest “namens procureur in [arr. Den Haag]” per fax…
Hoge Raad|16 december 2005|ECLI:NL:HR:2005:AU2863
advocaat bij de Hoge Raad en voldoet dus niet aan de eis van art. 426a Rv. Dit gebrek zou hebben kunnen worden hersteld door indiening ter griffie, binnen korte tijd
- Civiel recht overigProcesrecht. Verzet op voet van art. 5:26 lid 2 jo. art. 5:33 Awb tegen dwangbevel tot invordering van…
Parket bij de Hoge Raad|16 november 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA8453
voor het bewandelen van zowel de weg van beroep in cassatie op grond van artikel 426a Rv. als voor de in artikel 407 Rv genoemde weg van de dagvaardingsprocedure ter vermijding … blijkens de geciteerde passage, met het indienen van een verzoekschrift op de voet van art. 426a Rv, een bestuursrechtelijke procedure beoogt en dat zij, met haar vrees dat zij bij een keuze
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.