Ambtenarenrecht
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 03-03-2022, zie ECLI:NL:CRVB:2021:3368 voor de…
Centrale Raad van Beroep, 3 maart 2022
ECLI:NL:CRVB:2022:494 · Centrale Raad van Beroep · 3 maart 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/ambtenarenrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2022-494
Zaakgegevens
Op 3 maart 2022 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over ambtenarenrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 3 maart 2022
- Datum publicatie
- 10 maart 2022
- Zaaknummer
- 19/3866 AW-R
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Ambtenarenrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2022:494
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 03-03-2022, zie ECLI:NL:CRVB:2021:3368 voor de gerectificeerde tekst.
Uitspraak
19/3866 AW-R, 19/3873 AW-R
Datum uitspraak: 3 maart 2022
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 4 november 2021, 19/3866 AW en 19/3873 AW
Partijen:
[naam] te [woonplaats]
het college van burgemeester en wethouders van Landsmeer (college)
PROCESVERLOOP
De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 4 november 2021 een kennelijke fout bevat. Het betreft het ontbreken van de bepaling in de beslissing dat van het college een griffierecht van € 519,- wordt geheven.
De Raad heeft partijen in de gelegenheid gesteld te reageren op het voornemen van de Raad de uitspraak te verbeteren. Partijen hebben niet gereageerd binnen de daartoe in de brief van 22 december 2021 gestelde termijn van vier weken, in verband waarmee de Raad, naar in die brief is vermeld, ervan uitgaat dat er geen bezwaar bestaat tegen de voorgenomen verbetering.
OVERWEGINGEN
Ten onrechte is in de beslissing niet opgenomen dat van het college een griffierecht wordt geheven van € 519,-. Aan de beslissing van de uitspraak van 4 november 2021 dient daarom de volgende bepaling te worden toegevoegd:
- bepaalt dat van het college een griffierecht wordt geheven van € 519,-.
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 4 november 2021, 19/3866 AW en 19/3873 AW, als in de overwegingen is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door J.J.T. van den Corput als voorzitter en H. Lagas en J.T.H. Zimmerman als leden, in tegenwoordigheid van P.W.J. Hospel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 3 maart 2022.
(getekend) J.J.T. van den Corput
(getekend) P.W.J. Hospel