Arbeidsrecht
Arbeidsrecht. Betaling achterstallig loon. Werkgever niet verschenen.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 20 maart 2018
ECLI:NL:OGEAA:2018:141 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 20 maart 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/arbeidsrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-ogeaa-2018-141
Zaakgegevens
Op 20 maart 2018 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 20 maart 2018
- Datum publicatie
- 28 maart 2018
- Zaaknummer
- EJ nr. 2434 van 2017 / AUA201702951
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2018:141
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Arbeidsrecht. Betaling achterstallig loon. Werkgever niet verschenen.
Uitspraak
Beschikking van 20 maart 2018
Behorend bij EJ nr. 2434 van 2017 / AUA201702951
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de zaak van:
[werknemer],
kosteloos procederend krachtens beschikking van dit gerecht van 11 januari 2018,
wonende te Aruba,
VERZOEKER,
gemachtigde: de advocaat mr. C.J. Hart,
tegen:
[werkgever],
gevestigd te [adres] in Aruba,
in enkelvoud te noemen VERWEERSTER,
niet verschenen.
1 DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties, ingediend op 1 november 2017;
- het exploot van betekening d.d. 17 januari 2018, waarbij verweerster wederom is opgeroepen om op 6 februari 2018 een verweerschrift in te dienen en te verschijnen voor de behandeling. Verweerster is, ondanks behoorlijke oproeping, niet verschenen.
De beschikking is bepaald op heden.
2 HET VERZOEK
Verzoeker verzoekt het gerecht toestemming om kosteloos te mogen procederen en om bij beschikking verweerster te veroordelen tot betaling van schadevergoeding aan verzoeker wegens kennelijk onredelijk ontslag gelijk aan de misgelopen salarissen over de maanden maart en april 2017, vermeerderd met opgebouwde vakantiedagen, alsmede vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 mei 2017 tot de dag der algehele voldoening en verweerster te veroordelen in de kosten van het geding.
3 DE BEOORDELING
Verweerster heeft geen gebruik gemaakt van de aan haar aangeboden mogelijkheid om verweer te voeren. Nu er van de zijde van verweerster geen verweer is gevoerd tegen de vordering tot betaling aan verzoeker te zake de misgelopen salarissen over de maanden maart 2017 en april 2017 (4x Afl. 1.925,19 bruto) vermeerderd met zijn vakantiedagen en deze voldoende zijn onderbouwd, zal het gerecht de vorderingen toewijzen. Datzelfde geldt voor de vordering tot betaling van de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW.
Verweerster zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure, tot op heden begroot op Afl. 50,- griffierecht, op Afl. 174,92 aan explootkosten en op Afl. 500,- aan salaris van gemachtigde.
4 DE BESLISSING
De rechter:
veroordeelt verweerster om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan verzoeker te betalen zijn achterstallig loon van Afl. 7.700,76 vermeerderd de opgebouwde vakantiedagen en vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 mei 2017 tot de dag der algehele voldoening;
veroordeelt verweerster in de kosten van de procedure aan de zijde van verzoeker gevallen;
verklaart deze beschikking voor de onderdelen 4.1 en 4.2 uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht en werd in het openbaar uitgesproken op dinsdag 20 maart 2018, in tegenwoordigheid van de griffier.