Civiel recht overig
EJ. Afzien getuigenverhoor.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 1 oktober 2019
ECLI:NL:OGEAA:2019:641 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 1 oktober 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-ogeaa-2019-641
Zaakgegevens
Op 1 oktober 2019 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 1 oktober 2019
- Datum publicatie
- 14 oktober 2019
- Zaaknummer
- AUA201802932
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2019:641
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
EJ. Afzien getuigenverhoor.
Uitspraak
Beschikking van 1 oktober 2019
Behorend bij E.J. AUA201802932
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de zaak van:
[Naam Verzoekster],
wonende in Aruba,
verzoekster,
hierna ook te noemen: [verzoekster],
gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock,
tegen:
de naamloze vennootschap
DERCOL CONSTRUCTION & SERVICES N.V.,
gevestigd in Aruba,
verweerster,
hierna ook te noemen: Dercol,
gemachtigde: de advocaat mr. R.A. Wix.
1 DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure tot en met 21 mei 2019 blijkt uit de tussenbeschikking van dit Gerecht van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
- het schrijven van de gemachtigde van [verzoekster] van 19 augustus 2019, inhoudende (1) de mededeling dat [verzoekster] geen gebruik zal maken van de aan haar geboden gelegenheid om getuigenbewijs te leveren en (2) het verzoek om beschikking te geven.
Beschikking is bepaald op heden.
2 DE VERDERE BEOORDELING
Het Gerecht volhardt in zijn in de tussenbeschikking neergelegde overwegingen en beslissingen.
Het Gerecht heeft bij zijn tussenbeschikking [verzoekster] opgedragen om door middel van het doen horen van getuigen haar niet vaststaande stelling te bewijzen dat zij op 13 november 2017 krachtens een daartoe tussen partijen mondeling gesloten arbeidsovereenkomst in loondienst is getreden van Dercol. Nu [verzoekster] afziet van bewijslevering komt die stelling, waarop haar vorderingen zijn gegrond, in deze procedure niet vast te staan. De vorderingen van [verzoekster] zullen daarom worden afgewezen.
Verzoekster] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Dercol, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten; tarief 5).
3 DE UITSPRAAK
Het Gerecht:
-wijst af het door [verzoekster] verzochte;
-veroordeelt [verzoekster] in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Dercol, tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 2.500,-- aan salaris voor de gemachtigde;
-verklaart voormelde kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is in het openbaar uitgesproken op dinsdag 1 oktober 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.