Arbeidsrecht
Het is aan verweerster om een deugdelijke loonadministratie bij te houden en om te registreren wat zij aan…
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, 29 juni 2022
ECLI:NL:OGEAC:2022:211 · Gerecht in eerste aanleg van Curaçao · 29 juni 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-curacao/civiel-recht/arbeidsrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-ogeac-2022-211
Zaakgegevens
Op 29 juni 2022 heeft het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Datum uitspraak
- 29 juni 2022
- Datum publicatie
- 26 juli 2022
- Zaaknummer
- CUR202201208
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAC:2022:211
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Het is aan verweerster om een deugdelijke loonadministratie bij te houden en om te registreren wat zij aan loon aan verzoekster heeft uitbetaald.
Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
BESCHIKKING
in de zaak van:
[VERZOEKSTER],
wonende in Curaçao,
verzoekster,
gemachtigde: mr. J.H. Scheidelaar,
tegen
de besloten vennootschap
JUANA’S AIRCO & REFRIGIRATOR B.V.,
gevestigd in Curaçao,
verweerster,
procederend bij haar directeur dhr. [naam].
1 Het procesverloop
Dat blijkt uit:
-
het verzoekschrift met producties, ingediend op 24 maart 2022;
-
de mondelinge behandeling op 26 april 2022, waarbij verzoekster en haar gemachtigde en verweerster vertegenwoordigd door haar directeur voornoemd, vergezeld door de directeuren dhr. [naam 1] en mevr. [naam 2] zijn verschenen;
-
de email van 10 mei 2022 zijdens verzoekster;
-
de emailwisseling in de periode van 30 mei 2022 – 3 juni 2022.
De uitspraak was aanvankelijk bepaald op 1 juli 2022. Dat bleek daarna een vrije dag te zijn. Derhalve is de uitspraak vervroegd naar heden.
2 Het geschil
Verzoekster verzoekt haar te vergunnen kosteloos te mogen procederen. Voorts verzoekt zij dat het Gerecht bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad, zakelijk weergegeven, verweerster veroordeelt om aan haar te betalen NAf 7.563,83, vermeerderd met de wettelijke rente ingaande op de dag van indiening van het verzoekschrift tot en met de dag der algehele voldoening, kosten rechtens.
Verzoekster legt aan de vordering het volgende ten grondslag. Zij heeft na haar ontslag nog achterstallig loon en niet genoten vakantiedagen tegoed, die verweerster weigert uit te betalen, ondanks toezegging dat verweerster zelf een berekening zal maken en in termijn zal uit betalen. De door SOAW opgemaakte berekening van het achterstallige loon komt uit op een bedrag van NAf 7.563,83.
2.3.
Verweerster voert verweer.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
3 De beoordeling
Verzoekster is sinds 1981 in dienst van verweerster.
3.2.
Op 3 augustus 2021 heeft zij ontslag genomen.
3.3.
Op 12 augustus 2021 heeft verzoekster aangifte gedaan bij de SOAW wegens achterstallig loon en niet betaalde vakantiedagen. In het rapport van de SOAW staat dat met verweerster contact is opgenomen en dat laatstgenoemde heeft verklaard een berekening te zullen opmaken om verzoekster te betalen in termijnen, doch dat dit niet heeft plaatsgevonden. In de bijgevoegde berekening van SOAW staat:
Achterstallige maandloon:
Juni 2019 t/m december 2019 5.254,83
April 2021 769,73
2 weken maand mei 2021 384,57+
6.409,43
Niet genoten vakantiedagen
15 vakantiedagen 2020 577,20
15 vakantiedagen 2021 577,20+
Totaal bruto 7.563,83
3.4.
Verweerster heeft het achterstallig loon en niet genoten vakantiedagen niet uitbetaald.
achterstallig loon
Niet in geschil is dat het loon in contanten werd uitbetaald. Verweerster stelt zich op het standpunt dat het een zoekpartij is om na te gaan of sprake is van achterstallig loon omdat de loonadministratie in 16 mappen staat opgeslagen en er onderzocht moet worden hoeveel uitbetalingen er ten name van verzoekster staan geregistreerd. Ondanks dat werkgeefster in de gelegenheid is gesteld om dit onderzoek te doen, is niet gebleken dat partijen tot een overeenstemming zijn gekomen over de omvang van het achterstallig loon, terwijl het ter behandeling om leek te gaan dat (slechts) een bedrag van NAf 1.500 “zwevend” was. Wat daar ook van zij, het is aan verweerster om een deugdelijke loonadministratie bij te houden en om te registreren wat zij aan loon aan verzoekster heeft uitbetaald. Derhalve gaat het gerecht uit van het door verzoekster gestelde bedrag aan achterstallig loon. Dit bedrag wordt toegewezen.
achterstallige vakantie dagen
Verzoekster heeft dit deel van het verzoek ingetrokken. Derhalve behoeft hierover geen beslissing meer te worden genomen.
3.7.
Geen verweer is gevoerd tegen de verzochte wettelijke rente. Dit deel van het verzoek wordt derhalve toegewezen.
3.8.
Verweerster wordt als zijnde de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten begroot op:
|
NAf 1.000 |
Gemachtigdensalaris |
|
NAf 50 |
Aan in debet gestelde griffierechten |
4 De beslissing
Het Gerecht:
4.1.
staat verzoekster toe om kosteloos te procederen;
4.2.
veroordeelt verweerster om aan verzoekster te betalen NAf 6.409,43 ter zake achterstallig loon, vermeerderd met de wettelijke rente ingaande 24 maart 2022 tot en met de dag der algehele voldoening;
4.3.
veroordeelt verweerster in de proceskosten, aan de zijde van verzoekster tot op heden begroot op NAf 50,= aan in debet gestelde griffierechten, te betalen aan de griffier van dit Gerecht, en NAf 1.000 aan gemachtigdensalaris;
4.4.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
4.5.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Deze beschikking is gegeven door mr. U.I.D. Luydens, rechter in het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, en in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 29 juni 2022.