Strafrecht overig
Verdachte niet-ontvankelijk op grond van de artikelen 450, derde lid, Sv en 422, eerste lid, Sv. De…
Gerechtshof Amsterdam, 7 september 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3524 · Gerechtshof Amsterdam · 7 september 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2021-3524
Zaakgegevens
Op 7 september 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 7 september 2021
- Datum publicatie
- 16 november 2021
- Zaaknummer
- 23-000151-21
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3524
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verdachte niet-ontvankelijk op grond van de artikelen 450, derde lid, Sv en 422, eerste lid, Sv. De schriftelijke volmacht die door de raadsvrouw is verzonden aan de griffie voldoet niet aan de eisen die eraan worden gesteld.
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000151-21
datum uitspraak: 7 september 2021
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 18 januari 2021 in de strafzaak onder parketnummer
13-013559-21 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1994,
adres: [adres]
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
7 september 2021.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De raadsvrouw heeft op 20 januari 2021 aan de griffie van de rechtbank Amsterdam een schriftelijke volmacht verzonden tot het instellen van hoger beroep namens de verdachte. Aan zo’n volmacht worden bepaalde eisen gesteld. Een van deze eisen luidt – ingevolge artikel 450, derde lid, Wetboek van Strafrecht (Sv) – dat de volmacht inhoudt de verklaring dat de verdachte instemt met het door de griffiemedewerker aanstonds in ontvangst nemen van de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep. Deze verklaring ontbreekt in de onderhavige volmacht. Nu de verdachte en zijn raadsvrouw niet ter terechtzitting zijn verschenen, concludeert het hof tot niet-ontvankelijkheid van de verdachte in hoger beroep op grond de artikelen 450, derde lid, Sv en 422, eerste lid, Sv.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M.P. Geelhoed, mr. C.J. van der Wilt en mr. A.W.T. Klappe, in tegenwoordigheid van
mr. B.K.M. Pouw, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
7 september 2021.
mr. A.M.P. Geelhoed is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.