Strafrecht overig
Bevestiging vonnis waarvan beroep.
Gerechtshof Amsterdam, 26 april 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:1358 · Gerechtshof Amsterdam · 26 april 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2022-1358
Zaakgegevens
Op 26 april 2022 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 26 april 2022
- Datum publicatie
- 5 mei 2022
- Zaaknummer
- 23-000329-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2022:1358
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Bevestiging vonnis waarvan beroep.
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000329-20
datum uitspraak: 26 april 2022
VERSTEK
Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 30 januari 2020 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-248503-19 en 13-239055-19 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1981,
adres: zonder bekende woon- of verblijfplaats.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 13 april 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.
Vonnis waarvan beroep
Het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep heeft het hof niet tot andere beslissingen gebracht dan die van de eerste rechter zodat het hof zich verenigt met het vonnis waarvan beroep. Het hof zal het vonnis waarvan beroep derhalve bevestigen, met dien verstande dat:
-
nu de benadeelde partijen [benadeelde 1] en [benadeelde 2] in eerste aanleg niet-ontvankelijk in hun vordering zijn verklaard en zij zich in hoger beroep niet opnieuw hebben gevoegd, deze vorderingen in hoger beroep niet meer aan de orde zijn;
-
het hof de door de rechtbank gebruikte bewijsvoering zal vervangen door de bewijsvoering die in geval van het instellen van beroep in cassatie wordt neergelegd in een aanvulling op dit arrest;
-
het hof rekening heeft gehouden met het bepaalde in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht, zodat het hof de toepasselijke wettelijke voorschriften daarmee aanvult.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. H.A. van Eijk, mr. D. Abels en mr. A.C. Huisman, in tegenwoordigheid van mr. L. Muyselaar, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 april 2022.
mr. D. Abels en mr. A.C. Huisman zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]