Strafrecht overig
Bevestiging vonnis met aanvulling van gronden. Het – volgend op een woordenwisseling waarbij de verdachte…
Gerechtshof Amsterdam, 15 augustus 2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:3140 · Gerechtshof Amsterdam · 15 augustus 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2023-3140
Zaakgegevens
Op 15 augustus 2023 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 15 augustus 2023
- Datum publicatie
- 14 december 2023
- Zaaknummer
- 23-003146-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2023:3140
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Bevestiging vonnis met aanvulling van gronden. Het – volgend op een woordenwisseling waarbij de verdachte onder andere heeft gezegd “Ik neem je nog wel te grazen” – van korte afstand (ongeveer twee meter) gooien van een glas naar het gezicht van de aangever, als waarschuwing, om de aangever te laten schrikken, is een bedreiging met zware mishandeling.
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003146-22
datum uitspraak: 15 augustus 2023
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 24 november 2022 in de strafzaak onder parketnummer 13-216349-22 tegen
[verdachte01] ,
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1991,
adres: [adres01] .
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 1 augustus 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsman naar voren heeft gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de politierechter in eerste aanleg opgelegd.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, met aanvulling van gronden en met dien verstande dat het hof:
-
de in het derde bewijsmiddel (te weten het proces-verbaal van 28 augustus 2022, pag. 22-23 van het dossier) weergegeven passage “met een klein boogje, met niet al te veel vaart” schrapt en
-
rekening houdt met het bepaalde in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht en de toepasselijke wetsartikelen daarmee aanvult.
aanvulling gronden
Het – volgend op een woordenwisseling waarbij de verdachte onder andere heeft gezegd “Ik neem je nog wel te grazen” – van korte afstand (ongeveer twee meter) gooien van een glas naar het gezicht van de aangever, als waarschuwing, om de aangever te laten schrikken, is een bedreiging met zware mishandeling.
Het in hoger beroep door de raadsman ter zake van feit 1 gevoerde bewijsverweer vindt voor het overige zijn weerlegging in de door de politierechter gebezigde bewijsmiddelen, die het hof, met inachtneming van het bovenstaande, overneemt.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. S. Jongeling, mr. E. Mijnsberge en mr. A.M.P. Geelhoed, in tegenwoordigheid van mr. D. Damman, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 15 augustus 2023.
mr. E. Mijnsberge is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.