Strafrecht overig
Diefstal van diesel. Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit bevestigen, behalve ten…
Gerechtshof Amsterdam, 19 februari 2026
ECLI:NL:GHAMS:2026:998 · Gerechtshof Amsterdam · 19 februari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2026-998
Zaakgegevens
Op 19 februari 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 19 februari 2026
- Datum publicatie
- 16 april 2026
- Zaaknummer
- 23-000871-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2026:998
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Diefstal van diesel. Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit bevestigen, behalve ten aanzien van de strafoplegging. In de persoonlijke omstandigheden van de verdachte ziet het hof reden om de gevangenisstraf geheel voorwaardelijk op te leggen met een proeftijd van twee jaren.
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000871-22
datum uitspraak: 19 februari 2026
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 29 maart 2022 in de strafzaak onder parketnummer 15-010554-22 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1993,
adres: zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 29 oktober 2025 en 5 februari 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit bevestigen, behalve ten aanzien van de strafoplegging. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd.
Oplegging van straffen
De politierechter heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezenverklaarde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met aftrek van voorarrest.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het primair tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee weken met een proeftijd van twee jaren.
Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straffen bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan de diefstal van diesel. Daarmee heeft de verdachte ervan blijk gegeven geen respect te hebben gehad voor andermans eigendomsrecht. Het handelen van de verdachte en zijn mededader was uitsluitend gericht op het verrijken van zichzelf. Zij hielden daarbij geen rekening met de gevolgen voor de benadeelde. Bovendien blijkt uit het strafblad van de verdachte van 2 februari 2026 dat hij eerder voor soortgelijke feiten onherroepelijk is veroordeeld. Dit weegt het hof mee in het nadeel van de verdachte.
Voorts heeft het hof acht geslagen op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. De raadsman heeft in een eerder stadium aangegeven dat de verdachte is getroffen door een herseninfarct, maar dat hij nog wel in beperkte mate heeft kunnen communiceren met de verdachte. Het hof heeft de verdachte toen in de gelegenheid gesteld dit met stukken te onderbouwen. De verdachte heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt. Ook heeft de verdachte zijn verblijfplaats niet willen mededelen. Het hof zal in het kader van de strafoplegging hetgeen bekend is over de medische situatie van de verdachte meewegen bij de vraag wat op dit moment nog een passende straf is.
Gezien de ernst van het feit en het feit dat de verdachte in het verleden al eens is veroordeeld voor het plegen van soortgelijke misdrijven zou een straf zoals opgelegd is door de politierechter alleszins in de rede liggen. Toch ziet het hof in de persoonlijke omstandigheden van de verdachte aanleiding om de door de politierechter opgelegde gevangenisstraf geheel voorwaardelijk op te leggen met een proeftijd van twee jaren, conform de eis van de advocaat-generaal.
Beslag
Verbeurdverklaring
Het primair tenlastegelegde en bewezenverklaarde is begaan met behulp van de hierna te noemen in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen. Zij behoren de verdachte toe. Zij zullen daarom worden verbeurd verklaard.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De op te leggen straffen zijn gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 63 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de straf en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Verklaart verbeurd de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
1. Personenauto met het kenteken [kenteken] ;
8 jerrycans;
5 jerrycans;
1. slang.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. C.J. van der Wilt, mr. M.J.A. Duker en mr. A.W.T. Klappe, in tegenwoordigheid van mr. R.J.C. Wegerif, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 19 februari 2026.
Mr. M.J.A. Duker en mr. A.W.T. Klappe zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]