Strafrecht overig

Gerechtshof Amsterdam · Raadkamer · Strafrecht overig

Zaakgegevens

Op 25 januari 2017 heeft het Gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
25 januari 2017
Datum publicatie
9 maart 2017
Zaaknummer
13/845223-16
Procedure
Raadkamer
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2017:715
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Voorlopige hechtenis

Uitspraak

Inhoudsopgave

13/845223-16

GERECHTSHOF AMSTERDAM,

MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER

BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedag] 1968,

wonende te [adres],

thans verblijvende in het huis van bewaring Zaanstad te Westzaan,

tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 2 januari 2017, voor zover houdende bevel tot zijn gevangenhouding.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Amsterdam van 3 januari 2017, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beschikking van die rechtbank.

Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman [naam 1], namens kantoorgenoot mr. [naam 2].

De beoordeling

Het hof acht thans ten aanzien van de feiten 1 en 2 in het onderzoek [naam 3] en feit 1 in het onderzoek [naam 4] onvoldoende ernstige bezwaren aanwezig om de voorlopige hechtenis te laten voortduren. Het hof acht wel ernstige bezwaren aanwezig ten aanzien van feit 2 in het onderzoek [naam 4], maar ziet ten aanzien van die verdenking geen grond voor voorlopige hechtenis.

De beslissing

Het hof:

VERKLAART het beroep gegrond.

VERNIETIGT de beschikking waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.

HEFT OP de voorlopige hechtenis van de verdachte.

Deze beschikking is gegeven op 26 januari 2017 in raadkamer van dit hof door

mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,

mrs. A.M. Kengen en G.M. Boekhoudt, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. D. Boessenkool als griffier.

De griffier is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 26 januari 2017,

de advocaat-generaal