Burgerlijk procesrecht

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Hervatting hoger beroep. Art. 334 Rv. Berusting nadat rechtsmiddel is…

Hoge Raad, 21 februari 2020

Zaakgegevens

Op 21 februari 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
21 februari 2020
Datum publicatie
20 februari 2020
Zaaknummer
19/00096
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
aanvankelijk P.A. Fruytier en thans J.F de Groot, J.H.M. van Swaaij
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:316
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Hervatting hoger beroep. Art. 334 Rv. Berusting nadat rechtsmiddel is aangewend? Afstand van recht? Gerechtvaardigd vertrouwen?

Procesgang

  1. Uitspraak · 2017

    ECLI:NL:GHARL:2017:7527
  2. Conclusie A-G · 1 november 2019

    ECLI:NL:PHR:2019:1103
  3. Hoge Raad · 21 februari 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:316

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/00096

Datum 21 februari 2020

ARREST

In de zaak van

GEMEENTE WIJCHEN,
zetelende te Wijchen,

EISERES tot cassatie,

hierna: de gemeente,

advocaat: aanvankelijk P.A. Fruytier en thans J.F. de Groot,

tegen

1. [verweerster 1] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [verweerder 2],
wonende te [woonplaats],

3. [verweerder 3],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

hierna gezamenlijk: [verweerders],

advocaat: J.H.M. van Swaaij.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak 03/196 van de rechtbank Arnhem van 10 december 2003 en 20 april 2005;

  2. de arresten in de zaak 104.001.663/02 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 augustus 2017, 6 februari 2018 en 9 oktober 2018.

De gemeente heeft tegen het arrest van het hof van 9 oktober 2018 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerders] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor [verweerders] mede door J.M. Moorman.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van de gemeente heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt de gemeente in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 407,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 21 februari 2020.