Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Aansprakelijkheid tussenpersoon bij aanvraag hypotheek. Mocht tussenpersoon vertrouwen op…

Hoge Raad, 13 december 2013

Zaakgegevens

Op 13 december 2013 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
13 december 2013
Datum publicatie
12 december 2013
Zaaknummer
12/05098
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. K Aantjes, mr. H.J.W. Alt
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:1886
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Aansprakelijkheid tussenpersoon bij aanvraag hypotheek. Mocht tussenpersoon vertrouwen op bevoegdheid van bankmedewerker bij behandeling hypotheekaanvraag?

Procesgang

  1. Uitspraak · 2011

    ECLI:NL:GHAMS:2011:2768
  2. Conclusie A-G · 18 oktober 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:1100
  3. Hoge Raad · 13 december 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:1886

    Conclusie gevolgd · Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

13 december 2013

Eerste Kamer

nr. 12/05098

LZ/GB

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. ROYAL FOOD B.V.,
gevestigd te Arnhem,

2. BOMBAY PALACE V.O.F.,
gevestigd te Arnhem,

3. [eiser 3],
wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. K. Aantjes,

t e g e n

[verweerder],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. H.J.W. Alt.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 174491/HA ZA 04-488 van de rechtbank Utrecht van 9 maart 2005 en 23 november 2005;

b. het arrest in de zaak 106.004.732/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 13 september 2011.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 373,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 13 december 2013.