Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Art. 1:88 lid 1, aanhef en onder c, BW. Geldleningsovereenkomst. Toestemming echtgenote vereist?

Hoge Raad, 20 december 2013

Zaakgegevens

Op 20 december 2013 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20 december 2013
Datum publicatie
19 december 2013
Zaaknummer
13/00608
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. J.H.M van Swaaij, mr. M.E.M.G. Peletier
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:2106
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Art. 1:88 lid 1, aanhef en onder c, BW. Geldleningsovereenkomst. Toestemming echtgenote vereist?

Procesgang

  1. Uitspraak · 2012

    ECLI:NL:GHSHE:2012:4248
  2. Conclusie A-G · 8 november 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:1234
  3. Hoge Raad · 20 december 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:2106

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

20 december 2013

Eerste Kamer

nr. 13/00608

RM/NH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij,

t e g e n

[verweerster],
gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. M.E.M.G. Peletier.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de maatschap.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 184143 / HA ZA 08-2280 van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 27 mei 2009 en 15 september 2010;

b. het arrest in de zaak 200.084.618/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 2 oktober 2012.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De maatschap heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de maatschap mede door mr. G.C. Nieuwland, advocaat bij de Hoge Raad.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het beroep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de maatschap begroot op € 2.552,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, M.A. Loth en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 20 december 2013.