Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Operatie waarbij hartklepprothese wordt aangebracht. Schadevordering tegen fabrikant, arts…
Hoge Raad, 18 oktober 2013
ECLI:NL:HR:2013:978 · Hoge Raad · 18 oktober 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2013-978
Zaakgegevens
Op 18 oktober 2013 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 18 oktober 2013
- Datum publicatie
- 17 oktober 2013
- Zaaknummer
- 12/05939
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. K Aantjes, mr. M.E Franke, mr. F.E. Vermeulen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2013:978
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Operatie waarbij hartklepprothese wordt aangebracht. Schadevordering tegen fabrikant, arts en ziekenhuis. Productaansprakelijkheid, art. 6:185, 186 BW. Aansprakelijkheid medische hulpverlener, informatieplicht, art. 7:448 BW.
Procesgang
Gerechtshof 's-Gravenhage · 18 september 2012
ECLI:NL:GHSGR:2012:BX8413Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 september 2013
ECLI:NL:PHR:2013:835Hoge Raad · 18 oktober 2013deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2013:978
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
18 oktober 2013
Eerste Kamer
nr. 12/05939
RM/GB
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiseres],
wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. K. Aantjes,
t e g e n
1. LEIDS UNIVERSITAIR MEDISCH CENTRUM,
gevestigd te Leiden,
2. [verweerder 2],
wonende te [woonplaats], België,
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. M.E. Franke,
3. MEDTRONIC B.V.,
gevestigd te Heerlen,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. F.E. Vermeulen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en LUMC, [verweerder 2] en Medtronic.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 326342/HA ZA 08-4113 van de rechtbank 's-Gravenhage van 25 maart 2009 en 6 januari 2010;
b. het arrest in de zaak 200.063.736/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 18 september 2012.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
LUMC, [verweerder 2] en Medtronic hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor LUMC, [verweerder 2] en Medtronic toegelicht door hun advocaten en voor Medtronic mede door mr. M. van de Hel-Koedoot, advocaat te Rotterdam.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 20 september 2013 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van LUMC en [verweerder 2] begroot op € 799,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris en aan de zijde van Medtronic begroot op € 799,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter, en de raadsheren M.A. Loth, C.E. Drion, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 18 oktober 2013.