Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Totstandkoming overeenkomst; (gedeeltelijk) ontbreken van…
Hoge Raad, 20 juni 2014
ECLI:NL:HR:2014:1494 · Hoge Raad · 20 juni 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2014-1494
Zaakgegevens
Op 20 juni 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 20 juni 2014
- Datum publicatie
- 20 juni 2014
- Zaaknummer
- 13/04680
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. R.Th.R.F Carli, mr. E.H. van Staden ten Brink
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2014:1494
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Totstandkoming overeenkomst; (gedeeltelijk) ontbreken van wilsovereenstemming. Uitleg gedingstukken.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 21 mei 2013
ECLI:NL:GHSHE:2013:2841Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 18 april 2014
ECLI:NL:PHR:2014:347Hoge Raad · 20 juni 2014deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2014:1494
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
20 juni 2014
Eerste Kamer
nr. 13/04680
TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
JOMO VASTGOED N.V.,
gevestigd te Maaseik, België,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. R.Th.R.F. Carli,
t e g e n
1. [verweerder 1],
2. [verweerster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. E.H. van Staden ten Brink.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Jomo en [verweerder] c.s.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 101134/HA ZA 10-392 van de rechtbank Roermond van 21 juli 2010 en 15 juni 2011;
b. het arrest in de zaak 200.090.813/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 21 mei 2013.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Jomo beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art 81 lid 1 RO.
3 Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Jomo in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 1.933,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en T.H. Tanja – van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president W.A.M. van Schendel op 20 juni 2014.