Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Vordering tot schadevergoeding door de Staat wegens strafrechtelijke vervolging gevolgd…

Hoge Raad, 7 februari 2014

Zaakgegevens

Op 7 februari 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
7 februari 2014
Datum publicatie
6 februari 2014
Zaaknummer
12/05324
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. K Aantjes, mr. J.W.H. van Wijk
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:255
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Vordering tot schadevergoeding door de Staat wegens strafrechtelijke vervolging gevolgd door vrijspraak; toepassing Begaclaim-criteria.

Procesgang

  1. Rechtbank Amsterdam · 12 oktober 2011

    ECLI:NL:RBAMS:2011:BV6899
  2. Gerechtshof Amsterdam · 31 juli 2012

    ECLI:NL:GHAMS:2012:BX3781

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Conclusie A-G · 20 december 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:2377
  4. Hoge Raad · 7 februari 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2014:255

    Conclusie gevolgd · Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

7 februari 2014

Eerste Kamer

nr. 12/05324

RM/NH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. K. Aantjes,

t e g e n

DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Veiligheid en Justitie),
zetelende te ’s-Gravenhage,

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. J.W.H. van Wijk.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Staat.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 476918 / HA ZA 10-3849 van de rechtbank Amsterdam van 16 maart 2011 en 12 oktober 2011;

b. het arrest in de zaak 200.097.900/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 31 juli 2012.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Staat heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 3 januari 2014 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 6.118,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 7 februari 2014.