Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens na toelating bekend geworden feiten…

Hoge Raad, 14 februari 2014

Zaakgegevens

Op 14 februari 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14 februari 2014
Datum publicatie
14 februari 2014
Zaaknummer
13/04632
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. M.A.R. Schuckink Kool.
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:332
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens na toelating bekend geworden feiten en omstandigheden die aan toelating in de weg zouden hebben gestaan, art. 350 lid 3 onder f in verbinding met 288 lid 1 en 2 Fw.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 20 december 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:2415
  2. Uitspraak · 2013

    ECLI:NL:GHSHE:2013:4604
  3. Hoge Raad · 14 februari 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2014:332

    Conclusie gevolgd · Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

14 februari 2014

Eerste Kamer

nr. 13/04632

EV/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [verzoeker 1],

2. [verzoekster 2],
beiden wonende te [woonplaats],

VERZOEKERS tot cassatie,

advocaat: mr. M.A.R. Schuckink Kool.

Verzoekers zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] c.s.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak met de insolventienummers C/02/12/445 R en C/02/12/446 R van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 24 juni 2013;

b. het arrest in de zaak HV 200.129.863/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 19 september 2013.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [verzoeker] c.s. beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 14 februari 2014.