Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Partneralimentatie. Verlenging onderhoudsplicht na verstrijken termijn van twaalf jaar…
Hoge Raad, 14 maart 2014
ECLI:NL:HR:2014:631 · Hoge Raad · 14 maart 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2014-631
Zaakgegevens
Op 14 maart 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 14 maart 2014
- Datum publicatie
- 14 maart 2014
- Zaaknummer
- 13/03577
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. N.C van Steijn, mr. J. van der Beek
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2014:631
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Partneralimentatie. Verlenging onderhoudsplicht na verstrijken termijn van twaalf jaar. Art. 1:157 lid 4 en art. 1:158 BW.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 23 april 2013
ECLI:NL:GHAMS:2013:CA3928Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 17 januari 2014
ECLI:NL:PHR:2014:20Hoge Raad · 14 maart 2014deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2014:631
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
14 maart 2014
Eerste Kamer
13/03577
EE
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
In de zaak van:
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. N.C. van Steijn,
t e g e n
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. J. van der Beek.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 496421 FA RK 11-6346 van de rechtbank Amsterdam van 25 juli 2012;
b. de beschikking in de zaak 200.115.514/01 van het gerechtshof Amsterdam van 23 april 2013.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van de vrouw heeft bij brief van 30 januari 2014 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president F.B. Bakels op 14 maart 2014.