Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Door rechter-commissaris afgewezen verzoek tot verkorting looptijd schuldsaneringsregeling…
Hoge Raad, 4 april 2014
ECLI:NL:HR:2014:832 · Hoge Raad · 4 april 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2014-832
Zaakgegevens
Op 4 april 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 april 2014
- Datum publicatie
- 4 april 2014
- Zaaknummer
- 13/06106
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. W. Römelingh.
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2014:832
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Door rechter-commissaris afgewezen verzoek tot verkorting looptijd schuldsaneringsregeling, art. 349a lid 2 Fw.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 21 februari 2014
ECLI:NL:PHR:2014:241Hoge Raad · 4 april 2014deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2014:832
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
4 april 2014
Eerste Kamer
nr. 13/06106
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. [verzoeker 1],
2. [verzoeker 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. W. Römelingh.
Verzoekers zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker 1] en [verzoeker 2].
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking van de rechter-commissaris te Den Haag in de zaak met insolventienummers R 09/13/428 en R 09/13/429 van 10 oktober 2013;
b. de beschikking in de zaak met insolventienummers R 09/13/428 en R 09/13/429 van de rechtbank Den Haag van 29 november 2013.
De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de rechtbank hebben [verzoeker 1] en [verzoeker 2] beroep in cassatie ingesteld.
Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.
3 Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 4 april 2014.