Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Burengeschil erfgrens.

Hoge Raad, 24 april 2015

Zaakgegevens

Op 24 april 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 april 2015
Datum publicatie
23 april 2015
Zaaknummer
14/01365
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. P.J.Ph. Dietz de Loos
ECLI
ECLI:NL:HR:2015:1124
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Burengeschil erfgrens.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 10 december 2013

    ECLI:NL:GHARL:2013:9436
  2. Conclusie A-G · 6 maart 2015

    ECLI:NL:PHR:2015:185
  3. Hoge Raad · 24 april 2015deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2015:1124

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

24 april 2015

Eerste Kamer

14/01365

EE/LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos,

t e g e n

[verweerster],
wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerster].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 171156/HA ZA 10-637 van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 13 juli 2011;

b. de arresten in de zaak 200.094.729/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 7 mei 2013 en 10 december 2013.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 10 december 2013 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen [verweerster] is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 18 maart 2015 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 24 april 2015.