Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Bestuursaansprakelijkheid, persoonlijk ernstig verwijt, criteria (HR 5…
Hoge Raad, 10 juli 2015
ECLI:NL:HR:2015:1823 · Hoge Raad · 10 juli 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2015-1823
Zaakgegevens
Op 10 juli 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 juli 2015
- Datum publicatie
- 9 juli 2015
- Zaaknummer
- 14/01742
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.E. Bruning
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:1823
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Bestuursaansprakelijkheid, persoonlijk ernstig verwijt, criteria (HR 5 september 2014, ECLI:NL:HR: 2014:2627, NJ 2015/22).
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 3 december 2013
ECLI:NL:GHAMS:2013:4258Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 mei 2015
ECLI:NL:PHR:2015:596Hoge Raad · 10 juli 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:1823
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
10 juli 2015
Eerste Kamer
nr. 14/01742
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [eiser 1],
wonende te Monaco, Monaco,
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats], Verenigde Staten van Amerika,
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. M.E. Bruning,
t e g e n
1. [verweerster 1],
gevestigd te [vestigingsplaats],
2. JUPITER MANAGEMENT CONSULTING B.V.,
gevestigd te Bloemendaal,
3. [verweerster 3],
gevestigd te [vestigingsplaats],
4. QST SAFE SKIES B.V.,
gevestigd te Almere,
5. [verweerder 5], handelende onder de naam AVIATIONRESULT,
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaten: mr. K. Teuben en mr. S.M. Kingma.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en de Consultants.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 158814 / HA ZA 09-895 van de rechtbank Haarlem van 24 november 2010;
b. de arresten in de zaak 200.079.334/01 van het gerechtshof Amsterdam van 14 februari 2012, 2 oktober 2012, 11 december 2012 en 3 december 2013.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen voornoemde arresten van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Consultants heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor de Consultants toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 5 juni 2015 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Consultants begroot op € 818,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 10 juli 2015.