Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Uitleg boetebeding. Schadevergoeding naast boete? Uitleg contra proferentem?
Hoge Raad, 10 juli 2015
ECLI:NL:HR:2015:1864 · Hoge Raad · 10 juli 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2015-1864
Zaakgegevens
Op 10 juli 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 juli 2015
- Datum publicatie
- 9 juli 2015
- Zaaknummer
- 14/04649
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.W. Scheltema
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:1864
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Uitleg boetebeding. Schadevergoeding naast boete? Uitleg contra proferentem?
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 10 juni 2014
ECLI:NL:GHAMS:2014:2277Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 22 mei 2015
ECLI:NL:PHR:2015:712Hoge Raad · 10 juli 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:1864
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
10 juli 2015
Eerste Kamer
14/04649
LZ/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
MAX BÖGL BAUUNTERNEHMUNG GMBH & CO. KG,
gevestigd te Sengenthal, Duitsland,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. M.W. Scheltema,
t e g e n
BALLAST NEDAM INFRA B.V.,
gevestigd te Nieuwegein,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaten: mr. A. Knigge en
mr. D.A. van der Kooij.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Max Bögl en Ballast Nedam.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/13/460092/ HA ZA 10-1717 van de rechtbank Amsterdam van 21 juli 2010, 7 december 2011 en 19 juni 2013;
b. het arrest in de zaak 200.133.666/01 van het gerechtshof Amsterdam van 10 juni 2014.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Max Bögl beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Ballast Nedam heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep en vordert dat de toe te wijzen proceskostenvergoeding wordt vermeerderd met de wettelijke rente daarover te rekenen vanaf veertien dagen na de datum van het arrest van de Hoge Raad.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor Max Bögl mede door mr. G.M.C. Neuteboom-Klink.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van Max Bögl heeft bij brief van 19 juni 2015 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Max Bögl in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Ballast Nedam begroot op € 6.467,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris te vermeerderen met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf veertien dagen na de datum van dit arrest.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 10 juli 2015.