Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid advocaat. Niet tijdig leggen van beslag. Schade. Causaal verband…
Hoge Raad, 10 juli 2015
ECLI:NL:HR:2015:1869 · Hoge Raad · 10 juli 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2015-1869
Zaakgegevens
Op 10 juli 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 juli 2015
- Datum publicatie
- 10 juli 2015
- Zaaknummer
- 14/03600
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. A.H Vermeulen, mr. B.J. van Dorp
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:1869
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid advocaat. Niet tijdig leggen van beslag. Schade. Causaal verband. Stelplicht.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 1 april 2014
ECLI:NL:GHDHA:2014:4570Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 29 mei 2015
ECLI:NL:PHR:2015:812Hoge Raad · 10 juli 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:1869
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
10 juli 2015
Eerste Kamer
14/03600
LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
NEDERLANDSE SKI VERENIGING,
gevestigd te Den Haag,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. A.H. Vermeulen,
t e g e n
1. [verweerder 1],
wonende te [woonplaats],
2. [verweerster 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. B.J. van Dorp.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als NSV en [verweerders]
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 383812/ HA ZA 11-1724 van de rechtbank 's-Gravenhage van 20 juni 2012;
b. de arresten in de zaak 200.113.949/01 van het gerechtshof Den Haag van 30 oktober 2012 en 1 april 2014.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 1 april 2014 heeft NSV beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerders] hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
Het standpunt van de Procureur-Generaal strekte tot het niet-ontvankelijk verklaren van het cassatieberoep op de voet van art. 80a RO.
De rolraadsheer heeft beslist dat de zaak niet voor toepassing art. 80a in aanmerking komt en dat zal worden voortgeprocedeerd.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 lid 1 RO.
De advocaat van NSV heeft bij brief van 11 juni 2015 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt NSV in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 6.467,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 10 juli 2015.