Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Effectenlease. Cessie restschuld; verrekening door schuldenaar met schadevordering op…

Hoge Raad, 25 september 2015

Zaakgegevens

Op 25 september 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
25 september 2015
Datum publicatie
24 september 2015
Zaaknummer
14/02908
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. J. den Hoed
ECLI
ECLI:NL:HR:2015:2810
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Effectenlease. Cessie restschuld; verrekening door schuldenaar met schadevordering op cedent (art. 6:130 BW)? Afstand van recht op schadevergoeding. Ontbinding ‘Dexia Aanbod’. Art. 6:145 BW. Samenhangende overeenkomsten (art. 6:229 BW); onlosmakelijk verband ‘Dexia Aanbod’ en ‘Dexia Hardheidsclausule’?

Procesgang

  1. Uitspraak · 2014

    ECLI:NL:GHARL:2014:172
  2. Conclusie A-G · 5 juni 2015

    ECLI:NL:PHR:2015:846
  3. Hoge Raad · 25 september 2015deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2015:2810

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

25 september 2015

Eerste Kamer

14/02908

LZ/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [eiseres 1],
wonende te [woonplaats],

2. de gezamenlijke erfgenamen van [betrokkene 1], erflater,
I. [eiseres 1],
II. [eiser 2],
III. [eiseres 3],
allen wonende te [woonplaats]

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. J. den Hoed,

t e g e n

VARDE INVESTMENTS (IRELAND) LIMITED,
gevestigd te Dublin,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en Varde.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 278785 CV EXPL 3130-08 en 276810 CV EXPL 2719-08 van de kantonrechter te Almelo van 16 december 2008, 19 mei 2009 en 14 september 2010;

b. de arresten in de zaak 200.081.376 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 november 2011 en 14 januari 2014.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de arresten van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen Varde is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door hun advocaat.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van eisers tot cassatie in het cassatieberoep tegen het tussenarrest van het hof en tot verwerping van het cassatieberoep tegen het eindarrest van het hof.

De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 19 juni 2015 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Varde begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, G. de Groot, V. van den Brink en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 25 september 2015.