Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Uitlatingen Minister in de media en aandacht in tv-programma over beweerde misstanden in…
Hoge Raad, 9 oktober 2015
ECLI:NL:HR:2015:3014 · Hoge Raad · 9 oktober 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2015-3014
Zaakgegevens
Op 9 oktober 2015 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 oktober 2015
- Datum publicatie
- 8 oktober 2015
- Zaaknummer
- 14/04047
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.P Heering, mr. K. Aantjes
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:3014
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Uitlatingen Minister in de media en aandacht in tv-programma over beweerde misstanden in een slachthuis. Maatstaf voor onrechtmatigheid van informatie, verstrekt door de overheid, resp. in het kader van onthullingsjournalistiek.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 11 maart 2014
ECLI:NL:GHAMS:2014:691Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 26 juni 2015
ECLI:NL:PHR:2015:986Hoge Raad · 9 oktober 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:3014
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
9 oktober 2015
Eerste Kamer
14/04047
LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
FRIESLAND VLEES B.V.,
gevestigd te Leeuwarden,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering,
t e g e n
1. de STAAT DER NEDERLANDEN,
zetelende te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaten: mr. J.W.H. van Wijk en
mr. S.M. Kingma,
2. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid TROS,
gevestigd te Hilversum,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. K. Aantjes.
Eiseres zal hierna ook worden aangeduid als Friesland Vlees en verweerders als de Staat en de TROS.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 420096/HA ZA 09-554 van de rechtbank Amsterdam van 13 mei 2009 en 18 november 2009;
b. het arrest in de zaak 200.067.613/01 van het gerechtshof Amsterdam van 11 maart 2014.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Friesland Vlees beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat en de TROS hebben ieder geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Friesland Vlees heeft bij brief van 10 juli 2015 op die conclusie gereageerd. De directeur van Friesland Vlees heeft bij brief van 10 juli 2015 eveneens op die conclusie gereageerd. Nu deze brief niet door tussenkomst van een advocaat bij de Hoge Raad is toegestuurd, zal de Hoge Raad daarop geen acht slaan.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Friesland Vlees in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat en de Tros begroot voor ieder op € 6.467,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter, en de raadsheren G. Snijders, G. de Groot, V. van den Brink en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 9 oktober 2015.