Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht, internationaal privaatrecht. Immuniteit vreemde staat. Geschil over…
Hoge Raad, 9 december 2016
ECLI:NL:HR:2016:2832 · Hoge Raad · 9 december 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2016-2832
Zaakgegevens
Op 9 december 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 december 2016
- Datum publicatie
- 8 december 2016
- Zaaknummer
- 15/03972
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. G.R. den Dekker
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2016:2832
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht, internationaal privaatrecht. Immuniteit vreemde staat. Geschil over rechtsmacht Nederlandse rechter gebaseerd op art. 126 lid 3 (oud) Rv (forum actoris) in een verstekprocedure tegen Irak. Thans procedure tot herroeping (art. 382 e.v. Rv).
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 10 maart 2015
ECLI:NL:GHDHA:2015:256Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 23 september 2016
ECLI:NL:PHR:2016:935Hoge Raad · 9 december 2016deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2016:2832
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
9 december 2016
Eerste Kamer
15/03972
EE/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. De internationaal publiekrechtelijke rechtspersoon de REPUBLIEK IRAK,
zetelende te Bagdad, Irak,
2. de vennootschap naar het recht van Irak CENTRAL BANK OF IRAQ,
gevestigd te Bagdad, Irak,
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. G.R. den Dekker,
t e g e n
[verweerster] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Irak c.s. en [verweerster] .
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 26804/HA ZA 99-2160 van de rechtbank Dordrecht van 28 april 1999;
b. het arrest in de zaak 99/1258 van het gerechtshof te ’s-Gravenhage van 31 oktober 2000;
c. het arrest in de zaak 200.133.720/01 van het gerechtshof Den Haag van 10 maart 2015.
Het arrest van het hof van 10 maart 2015 is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben Irak c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerster] is verstek verleend.
De zaak is voor Irak c.s. toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Irak c.s. heeft bij brief van 4 oktober 2016 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Irak c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, G. de Groot, C.E. du Perron en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 9 december 2016.