Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht, legitieme portie. Waardering grond in verpachte of onverpachte staat, betekenis…

Hoge Raad, 23 december 2016

Zaakgegevens

Op 23 december 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
23 december 2016
Datum publicatie
22 december 2016
Zaaknummer
15/05298
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. J.H van Gelderen, mr. H.J.W. Alt
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:2991
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht, legitieme portie. Waardering grond in verpachte of onverpachte staat, betekenis vonnis in pachtprocedure waarbij legitimaris niet was betrokken.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2013

    ECLI:NL:RBLIM:2013:7840
  2. Uitspraak · 2014

    ECLI:NL:GHSHE:2014:1783
  3. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 30 juni 2015

    ECLI:NL:GHSHE:2015:2425
  4. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 30 juni 2015

    ECLI:NL:GHSHE:2015:2427
  5. Uitspraak · 2015

    ECLI:NL:GHSHE:2015:4105
  6. Conclusie A-G · 18 november 2016

    ECLI:NL:PHR:2016:1175
  7. Hoge Raad · 23 december 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:2991

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

23 december 2016

Eerste Kamer

15/05298

LZ/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiseres],
wonende te [woonplaats], Duitsland,

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. J.H. van Gelderen,

t e g e n

1. [verweerster 1],
wonende te [woonplaats],

2. [verweerster 2],
wonende te [woonplaats],

3. [verweerster 3],
wonende te [woonplaats],

4. [verweerster 4],
wonende te [woonplaats],

5. [verweerder 5],
wonende te [woonplaats],

6. [verweerster 6],
wonende te [woonplaats],

7. [verweerder 7],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. H.J.W. Alt.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en [verweerders]

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak C/04/103315/ HA ZA 10-656 van de rechtbank Roermond van 16 februari 2011, 7 december 2011, 22 augustus 2012, 14 november 2012 en van de rechtbank Limburg van 23 oktober 2013;

b. de arresten in de zaken HD 200.141.370/01 en HD 200.141.089/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 17 juni 2014 en 30 juni 2015.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 30 juni 2015 heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerders] hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep en vorderen wettelijke rente over de toe te wijzen proceskosten.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor [verweerders] mede door mr. W.A. Jacobs. De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 2.008,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 23 december 2016.