Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Aanbestedingsrecht. Tekortkoming m.b.t. nakoming van gegunde werkzaamheden…
Hoge Raad, 7 juli 2017
ECLI:NL:HR:2017:1265 · Hoge Raad · 7 juli 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2017-1265
Zaakgegevens
Op 7 juli 2017 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 7 juli 2017
- Datum publicatie
- 6 juli 2017
- Zaaknummer
- 16/02035
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.J.W Alt, mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2017:1265
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Aanbestedingsrecht. Tekortkoming m.b.t. nakoming van gegunde werkzaamheden (transportdiensten)? Uitleg van aanbestedingsstukken en raamovereenkomst; maatstaf.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 15 december 2015
ECLI:NL:GHDHA:2015:3399Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 19 mei 2017
ECLI:NL:PHR:2017:467Hoge Raad · 7 juli 2017deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2017:1265
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
7 juli 2017
Eerste Kamer
16/02035
RM/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
JBM KOERIERS B.V.,
gevestigd te Leiden,
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,
t e g e n
de publiekrechtelijke rechtspersoon UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als JBM en UvA.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/09/433633 / HA ZA 12-1480 van de rechtbank Den Haag van 13 maart 2013 en 20 november 2013;
b. het arrest in de zaak 200.160.072/01 van het gerechtshof Den Haag van 15 december 2015.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft JBM beroep in cassatie ingesteld. UvA heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de UvA mede door mr. M.W.A. Schimmel.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het principale beroep.
De advocaat van JBM heeft bij brief van 2 juni 2017 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van middel in het principale beroep
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt JBM in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de UvA begroot op € 6.590,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, T.H. Tanja-van den Broek en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 7 juli 2017.