Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Schade door verstopping standleiding wegens oneigenlijk gebruik van de afvoer…
Hoge Raad, 14 juli 2017
ECLI:NL:HR:2017:1352 · Hoge Raad · 14 juli 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2017-1352
Zaakgegevens
Op 14 juli 2017 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 14 juli 2017
- Datum publicatie
- 13 juli 2017
- Zaaknummer
- 16/04112
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.J.W Alt, mr. R.D. Boesveld
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2017:1352
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Schade door verstopping standleiding wegens oneigenlijk gebruik van de afvoer door andere huurders van verhuurder. Ambtshalve aanvulling gronden vordering? Gebrek, art. 7:204 BW? Feitelijke stoornis door derden.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 15 maart 2016
ECLI:NL:GHDHA:2016:1088Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 2 juni 2017
ECLI:NL:PHR:2017:486Hoge Raad · 14 juli 2017deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2017:1352
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
14 juli 2017
Eerste Kamer
16/04112
RM/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,
t e g e n
STICHTING WOONPLUS SCHIEDAM,
gevestigd te Schiedam,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. R.D. Boesveld.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Woonplus.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 1386684 CV EXPL 12-49767 van de rechtbank Rotterdam van 9 augustus 2013;
b. de arresten in de zaak 200.136.993/01 van het gerechtshof Den Haag van 24 december 2013 en 15 maart 2016.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 15 maart 2016 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld.
De cassatiedagvaarding en de herstelexploten zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Woonplus heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor Woonplus toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 16 juni 2017 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Woonplus begroot op € 856,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 14 juli 2017.