Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Procesrecht. Publicatie Consumentenbond onrechtmatig jegens…
Hoge Raad, 29 juni 2018
ECLI:NL:HR:2018:1023 · Hoge Raad · 29 juni 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-1023
Zaakgegevens
Op 29 juni 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 29 juni 2018
- Datum publicatie
- 27 juni 2018
- Zaaknummer
- 17/02498
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- aanvankelijk mr. B.J van Dorp, mr. S.M. Kingma
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:1023
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Procesrecht. Publicatie Consumentenbond onrechtmatig jegens ooglaserkliniek. Vordering tot schadevergoeding van bestuurder-grootaandeelhouder/schuldeiser van inmiddels gefailleerde kliniek tegen de Consumentenbond. Zorgvuldigheidsnorm; grenzen van de rechtsstrijd; stelplicht.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 21 februari 2017
ECLI:NL:GHDHA:2017:381Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 20 april 2018
ECLI:NL:PHR:2018:413Hoge Raad · 29 juni 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:1023
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
29 juni 2018
Eerste Kamer
17/02498
TT/AR
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser] ,
wonende te [woonplaats] , Turkije,
EISER tot cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. B.J. van Dorp, thans mr. S. Kousedghi,
t e g e n
de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid CONSUMENTENBOND,
gevestigd te Den Haag,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. S.M. Kingma.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Consumentenbond.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/454794/HA ZA 13-1300 van de rechtbank Den Haag van 5 maart 2014 en 28 mei 2014;
b. het arrest in de zaak 200.159.630/01 van het gerechtshof Den Haag van 21 februari 2017.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Consumentenbond heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de Consumentenbond toegelicht door haar advocaat en mede door mr. M.E. Witting.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 11 mei 2018 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Consumentenbond begroot op € 854,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, M.V. Polak en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 29 juni 2018.