Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Auteursrecht. Procesrecht. Kort geding over rechten op tv-format van quiz (‘Eindspel’)…

Hoge Raad, 19 oktober 2018

Zaakgegevens

Op 19 oktober 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19 oktober 2018
Datum publicatie
18 oktober 2018
Zaaknummer
17/03642
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. R.L.M.M Tan, mr. W.A. Hoyng
ECLI
ECLI:NL:HR:2018:1974
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Auteursrecht. Procesrecht. Kort geding over rechten op tv-format van quiz (‘Eindspel’). Maatstaf voor toewijzing vordering in kort geding; motivering belangenafweging; devolutieve werking. Proceskostenveroordeling op de voet van art. 1019h Rv; indicatietarieven 2017.

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 6 juni 2017

    ECLI:NL:GHAMS:2017:2132
  2. Conclusie A-G · 3 augustus 2018

    ECLI:NL:PHR:2018:855
  3. Hoge Raad · 19 oktober 2018deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2018:1974

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

19 oktober 2018

Eerste Kamer

17/03642

TT/AR

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

De rechtspersoon naar vreemd recht ITV GLOBAL ENTERTAINMENT LIMITED,
gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. R.L.M.M. Tan,

t e g e n

MC&F BROADCASTING PRODUCTION AND DISTRIBUTION C.V.,
gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. W.A. Hoyng.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als ITV en MC&F.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis in de zaak C/13/611778/KG ZA 16-834 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam van 26 augustus 2016;

b. het arrest in de zaak 200.200.885/01 KG van het gerechtshof Amsterdam van 6 juni 2017.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft ITV beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

MC&F heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor MC&F mede door F.W.E. Eijsvogels.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping.

De advocaat van ITV heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

3.1

De klachten van het middel kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu die klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.2.1

MC&F vordert vergoeding van haar kosten op de voet van art. 1019h Rv. Zij heeft die kosten gespecificeerd en begroot op € 32.038,-- inclusief griffierecht. ITV heeft zich ter zake gerefereerd aan het oordeel van de Hoge Raad.

3.2.2

In cassatie zijn de Indicatietarieven in IE-zaken Hoge Raad, versie 2017, van toepassing. Nu een referte aan het oordeel van de rechter niet kan worden aangemerkt als uitdrukkelijke overeenstemming als bedoeld in punt 4 van de Indicatietarieven, zal de Hoge Raad overeenkomstig het bepaalde in punt 7 het maximale tarief voor de categorie ‘eenvoudig’ toepassen (€ 10.000,--), vermeerderd met € 3.000,-- voor de conclusie van dupliek, en het griffierecht ter hoogte van € 783,--.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt ITV in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van MC&F begroot op € 783,-- aan verschotten en € 13.000,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien ITV deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 19 oktober 2018.