Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht; executiegeschil over dwangsom. Man dient op straffe van dwangsom…

Hoge Raad, 19 oktober 2018

Zaakgegevens

Op 19 oktober 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19 oktober 2018
Datum publicatie
18 oktober 2018
Zaaknummer
17/04980
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. R.D. Boesveld
ECLI
ECLI:NL:HR:2018:1980
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht; executiegeschil over dwangsom. Man dient op straffe van dwangsom achterstallige rente en premie voor hypotheek te betalen. Vraag of dwangsom verschuldigd is over periode nadat vrouw zelf de achterstallige bedragen heeft betaald.

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 29 augustus 2017

    ECLI:NL:GHAMS:2017:3483
  2. Conclusie A-G · 22 juni 2018

    ECLI:NL:PHR:2018:708
  3. Hoge Raad · 19 oktober 2018deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2018:1980

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

19 oktober 2018

Eerste Kamer

17/04980

LZ/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[de vrouw],
wonende te [woonplaats],

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. R.D. Boesveld,

t e g e n

[de man],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis in de zaak C15/245727/KG ZA 16-528 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Noord-Holland van 5 december 2016;

b. het arrest in de zaak 200.208.943/01 KG van het gerechtshof Amsterdam van 29 augustus 2017.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen de man is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van de vrouw heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

compenseert de kosten van het geding in cassatie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. du Perron en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 19 oktober 2018.